Met Een kat op
recept heeft de Japanse Syou Ishida nogmaals aangetoond dat er in de
Japanse literatuur een hele hausse bestaat van uitgaven waarin de termen ‘kat’
en ‘boek’ onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Ook Ishida (geboren in 1975)
publiceerde in Japan al eerder meerdere boeken met onze snordragende huisvriend
in de hoofdrol. Haar Een kat op recept
kreeg in Japan al diverse prijzen en werd al in meer dan twintig talen
vertaald. Inmiddels publiceerde de schrijfster in Japan delen twee en drie in
de reeks; een vierde is in de maak.
Kern van het verhaal is de Nakagyo-Kokoro
kliniek in Kyoto. Op deze mysterieuze plek kan men terecht als men het even
niet meer weet. De dokter van dienst schrijft dan een kat als medicijn voor, en
biedt naast een korte handleiding over het gedrag van de nieuwe huisgenoot, ook
het nodige voedsel. Na de opgelegde tijd moet het dier teruggebracht worden
naar de arts en zijn medewerkers. In vijf verhalen maken we zo kennis met Bee,
Marugo, Koyuki, Tanku en Tangerine en Mimita (de katten), en hun helende kracht.
Zij worden verondersteld achtereenvolgens een zakenman, een man van middelbare
leeftijd, een basisschoolmeisje, een tassenontwerper en een geisha weer
gelukkig te maken. Allen raken zo gehecht aan hun nieuwe vriend dat ze slechts
met veel moeite de weg naar de kliniek opnieuw afleggen om de kat terug te
brengen. Niet zelden krijgen ze een verlenging van het verblijf en mag het dier
dus nog voor een paar weken mee terug om orde en structuur in hun nieuwe leven
te behouden.
Bij
het lezen merkt men dat er onuitgesproken verbanden tussen de verhalen bestaan
– aan de hand van subtiele details slaagt Ishida erin de levens met elkaar te
verweven. De mysterieuze sfeer die de schrijfster oproept (de kliniek is bijvoorbeeld
ineens onvindbaar wanneer de personages hem aan een ander willen tonen), doet
sterk denken aan de kenmerkende sfeer van de beroemdste Japanse auteur van
vandaag, Haruki Murakami. Ook hij heeft er een handje van weg in zijn werk een
magisch-realistische sfeer op te roepen en in zijn laatste in het Nederlands
vertaalde roman De stad en zijn onvaste muren is zelfs de omgeving
gelijkaardig, met verschijnende en verdwijnende bouwwerken. Dat Ishida van
magische gebeurtenissen in haar boeken houdt, bewees ze trouwens al eerder met Yoru wa fushigi na dobutsuen (‘De
mysterieuze dierentuin bij nacht’, 2022), waarin een opzichter ’s nachts van
innerlijk kan wisselen met een dier. Las Ishida misschien ooit Annie M.G.
Schmidts Minoes? Poes en mysterie waren
al in 1970 samen tot literatuur voor de jeugd verheven…
Daarnaast roept Een kat op recept wat structuur betreft
ook meteen sterke herinneringen op aan Michiko Aoyama’s De bibliotheek van geheime dromen (Meulenhoff 2023). Niet een
kliniek maar een buurtbibliotheek staat daar centraal; de dokter uit de kliniek
is nu een bibliothecaresse. Beide personages gaan op dezelfde manier te werk. Bij
Aoyama is het geen kat, maar een boek dat wordt ‘voorgeschreven’. Overigens
speelt ook in het laatste boek een kat een niet onaanzienlijke bijrol; beide
werken hebben een kat op de omslagillustratie.
Een kat op recept sleept de lezer aanvankelijk mee. Zeker wie een
kat bezit, of houdt van deze dakhaas die in zoveel mythes en legendes een
bijzondere rol speelt (‘Welk geheim gaat er achter zijn priemende ogen schuil?’
is een vraag die menig kattenliefhebber zich al wel gesteld heeft) zal aan zijn
trekken komen bij het lezen van dit boek. Toch krijgt men helaas het gevoel aan
het einde van dit bijna 270 pagina’s dikke boek dat de auteur een trucje
toepast dat wel duidelijk is. Ishida kan er eindeloos mee variëren, maar echt
verrassen doet ze niet meer. Het feit dat Ishida ergens in een interview zegt
dat ze afgelopen jaar drie boeken publiceerde, wijst op het invullen van een
per computer vastgelegd kader dat blijkbaar aanslaat bij het grote publiek. Op
zich is daar niets mis mee, het is hoe elke detective en veel thrillers zijn
opgebouwd. En een verrassingselement op zich is ook geen strikte voorwaarde
voor goede literatuur. Wat er ook van zij: Een
kat op recept is een licht tussendoortje, dat ervoor zorgt dat men zijn eigen
huiskat met andere ogen gaat bekijken.
Sarah Van Camp verzorgde de vertaling.
Eerder voorzag ze de Nederlandstalige lezers ook al van Voordat je herinnering vervaagt (Meulenhoff 2023) van Toshikazu Kawaguchi – bestsellerauteur van
de reeks boeken Before the coffee gets
cold. Haar stijl kan niet tippen aan de vlotte en originele zinsbouw van meestervertaler
en japanoloog Jos Vos, die recent de Genji Monogatari, Het hoofdkussenboek van Sei Shonagon
en zoveel meer gedegen Japanse literatuur vertaalde. Door de anglicismen en de aparte
woordvolgorde waar Van Camp voor koos, lijkt het er af en toe op dat ze ook
veel houdt van Engelse literatuur en dat dit wat al te veel in haar Nederlandse
tekst doorsijpelt.
Verrassender dan verder te gaan met een vertaling van delen twee, drie en
vier over de Nakagyo-Kokorokliniek, is het misschien een beter idee om bij een
volgend Syou Ishida-project te kiezen voor haar boek Nyanzu Trabera (‘Nyan’s
Traveler’, 2024). Hoewel ook hier een kitten de hoofdrol krijgt, speelt
het verhaal zich af in Fushimi-Inari, het shintoïstisch tempelcomplex in Kyoto
waar de mythologische vos aanbeden wordt…
Syou Ishida: Een kat op recept,
Meulenhoff, Amsterdam 2024, 272 p. ISBN 9789029099912. Vertaling van Neko wo
shoho itashimasu door Sarah Van Camp. Distributie Lannoo
deze pagina printen of opslaan