Nederlands proza

BOEKEN NR. 6, JUNI 2021

Bart Meuleman: Wij zijn nooit alleen

door Tom Rummens

In zijn verhalenbundel Wij zijn nooit alleen bewandelt Bart Meuleman het soort paden waarlangs we hem al vaker mochten ontmoeten. Het is een tocht langs mensen en episodes uit zijn eigen verleden. En dus vooral een zoektocht naar soms zelfs een veldslag met zichzelf. De blik wordt steeds universeler: we beginnen bij het dorpsleven van enkele decennia geleden, en gaan via enkele vriendschappen (Paul Verrept, Dirk Lauwaert) uiteindelijk naar een aantal bredere beschouwingen over schilderkunst en fotografie.  

Dat lijkt een enigszins bonte collectie verhalen en essays, maar niets is minder waar. Wij zijn nooit alleen gaat over een van de meest essentiële dynamieken in elk menselijk bestaan: de zoektocht naar verbinding met andere mensen, door te kijken en te reflecteren. Bij Bart Meuleman verloopt dat kijken en reflecteren nooit zonder gêne, wel integendeel. De eigen schaamte is een essentieel ingrediënt van de manier waarop hij naar de mensen kijkt. Hij portretteert de mens die barst van nieuwsgierigheid, maar die tegelijk zelf liefst compleet onzichtbaar zou zijn. Het gaat over afstand en hoe die te overbruggen, over het dubbelzinnige verlangen om op hetzelfde moment toeschouwer en deelnemer te zijn.  
 
De stukken in Wij zijn nooit alleen weten die complexe dynamiek genadeloos te vatten, hoe we telkens weer iets dichter bij een ander proberen te komen, vooral in de hoop dat we onszelf dan zouden vinden. Het meest directe verhaal in dat opzicht beschrijft hoe hij in de trein zit en toekijkt hoe een vrouwelijke medepassagier zichzelf filmt. ‘Waar ben je, benevens je bed, dichter bij jezelf dan in een treincoupé?’, vraagt hij zich aanvankelijk nog af, maar steeds meer trekt de vrouw haar toeschouwer mee in haar spel van kijken en bekeken worden. Stap voor stap wordt de toeschouwer participant, ruimt het kijken plaats voor handelen.
 
Het kijken naar mensen, naar hoe ze zich gedragen, wat ze doen en hoe ze lopen, commentaar geven op andere mensen (maar meteen ook op jezelf, geeft de schrijver grif toe) terwijl je met je beste vriend op café zit. Het is wat ons sociale wezens maakt, hoe ongemakkelijk we dat soms ook mogen vinden. En hoe frustrerend ook, vooral als er een fotograaf zit tussen de kijker en het bekekene, zoals het geval is met het vrouwenportret van William Eggleston, dat in het slotverhaal de hoofdrol speelt. Een foto van een jonge vrouw, maar haar hoofd noch haar onderbenen zijn te zien, en dat steekt tegen: ‘Mijn verlangen ernaar,’schrijft Meuleman, ‘ik loop ermee te pletter.’. ‘Hij [Eggleston] eigende zich dit lichaam toe om het, geheel naar eigen goeddunken en los van wat het zelf misschien had gewild, zo te snijden en op te dienen dat een weerloos iemand als ik er jaren later mee in zijn maag zit.’
 
Het is een ode aan het zelfonderzoek, voortdurend is de schrijver – en dus ook de lezer – op zoek naar zelfinzicht.
 
Bart Meuleman: Wij zijn nooit alleen, Querido, Amsterdam 2021, 205 p. ISBN 9789021426310. Distributie L&M Books

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 6, JUNI 2021

2050. Gedichten

Peter Verhelst

Het bekroonde proza van Jesmyn Ward

Black Lives Matter

Het huis van de dichter

Herman Leenders

Het leven van de geest

Hannah Arendt

Stemvorken

A.F.Th. van der Heijden

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 6, JUNI 2021

Brons / Onder de golven

Linda Dielemans, Sanne te Loo (ill), Djenné Fila (ill.)

De nacht van Ronke

Jef Aerts, Marit Törnqvist (ill.)

De roos uit het beton

Angie Thomas

Groot Biegel sprookjesboek

Paul Biegel, Charlotte Dematons (ill.)

Zonder titel

Erna Sassen, Martijn van der Linden (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri