Nederlands proza

BOEKEN NR. 9, NOVEMBER 2021

Bart Moeyaert, Peter Van den Ende (ill.): Iemands lief

door Jürgen Peeters, Jen de Groeve

Liefde meandert als een constant thema door het oeuvre van Bart Moeyaert; ze blijkt moeilijk te doorgronden in Het is de liefde die we niet begrijpen (Querido, 1999) en wordt vol verwondering geobserveerd in al haar verschijningsvormen in de dichtbundel Verzamel de liefde. Ook in Niemands lief, Moeyaerts persoonlijke bewerking van L’Histoire du Soldat van Charles-Ferdinand Ramuz, het libretto voor Igor Stravinsky’s gelijknamig muziektheater, vormt ze een van de drijvende krachten en motieven. Iemands lief verscheen oorspronkelijk in 2013 met illustraties van de toen beginnende tekenaar Korneel Detailleur. Querido geeft de vierde druk nu uit met nieuwe illustraties van Peter Van den Ende. Van den Ende bewees met zijn geraffineerde pentekeningen in zwart-wit in Het hele leven al dat hij met Moeyaert een intrigerende match vormt.  

In drie delen, telkens geconcipieerd als een waarschuwing aan het adres van het hoofdpersonage Benjamin Popov — bijvoorbeeld ‘Ga nooit weg (dan overkomt u niets)’ — geeft Moeyaert een eigen stem en karakter aan wie in de oorspronkelijke versie een anoniemere ‘Soldaat’ blijft. De lezer wordt meteen gewaarschuwd: hoewel hij fungeert als hoofdpersonage, blijkt Popov geen held, wel ‘iemands lief en iemands zoon’. Precies die vermenselijking en vernieuwde aandacht voor Popovs persoonlijke drijfveren staan garant voor een overtuigend psychologisch portret, dat Moeyaert met slechts weinig woorden feilloos weet te schetsen.
 
Doodmoe maar vol verlangen keert Popov voor een periode van een halve maand ('Het was niet langer dan twee weken, maar het klonk beter') van het front huiswaarts. In korte, afgemeten zinnetjes die ruimschoots appelleren aan de verbeeldingskracht van de lezer, verbeeldt Moeyaert overtuigend het ambivalente verlangen van soldaten naar het thuisfront en verwoordt hij treffend de vraag waarrond hun diepste angsten zich kristalleren: 'M’n lief, m’n lief, wacht je nog steeds op mij?' Een hoopvol verlangen, want 'een hart is niet van elastiek dat eeuwig rekt.'  
 
Benjamins viool, die hij weliswaar ‘voor een habbekrats’ kocht en die ook zo klinkt, krijgt in Moeyaerts herwerking eveneens een beduidende rol toebedeeld: ze trekt immers de aandacht van een wat mysterieuze man, die Benjamins instrument al te graag voor een boek inruilt, dat 'eens gelezen een heel mensenleven [verandert]'. Aan deze verdoken waarschuwing gaat Popov al te makkelijk voorbij, niet beseffende dat fraaie beloftes in parabels en sprookjes weleens realiteit worden, maar nooit helemaal zoals men wenst. En dat zal Benjamin al snel aan den lijve ondervinden als hij de nieuwe eigenaar notenleer zal geven in ruil voor een rijkelijke beloning.
 
Hoewel de verhaalstof daardoor net als in het origineel enigszins aan verrassingseffect inboet, weet Moeyaert voorspelbaarheid te vermijden dankzij een stevig vertelritme dat het verhaal letterlijk voortstuwt. Het sporadisch gebruik van rijmschema’s, alliteraties, assonanties en parallellismen zorgt voor een persoonlijk, sprankelend proza, dat Benjamin Popovs perikelen een eigentijds karakter verleent.
 
In het tweede deel, niet toevallig getiteld ‘Ga nooit weg (dan overkomt u niets)’ ervaart Popov voor het eerst dat zijn leven een niet geheel voorziene, noch bekoorlijke wending dreigt te nemen: bij zijn thuiskomst keren de dorpsbewoners, inclusief Benjamins ouders en lief, hem angstvallig de rug toe. Blijkt dat Benjamins bezoek aan de geheimzinnige oude man net iets langer dan drie dagen geduurd heeft.  
 
Toch leiden talrijke tegenslagen aanvankelijk niet tot de nodige zelfreflectie: Benjamin waagt zich verder op het verkeerde pad en wentelt zich met behulp van het eerder verworven boek in ‘het slijk der aarde’, al wordt hij daar niet gelukkiger van: 'Ik die alles heb, heb niets'. Een moraal die nogal omstandig en expliciet uitgewerkt wordt, zonder dat de noodzaak daartoe geheel overtuigt. Benjamins gemoedstoestand wordt immers voldoende geschraagd door zijn verkeerde beslissingen en melancholische beschouwingen.
 
Hoewel personages in verhalen met een moraliserende ondertoon in het slotdeel niet toevallig tot inkeer komen en naar een ‘nieuw begin’ verlangen, blijkt dat voor Benjamin Popov, met de duivel als hardnekkig tegenstander, geen sinecure. Via een vakkundig opgebouwde spanningsboog verhaalt Moeyaert hoe diep Benjamin gezonken is als hij op dezelfde slinkse wijze als het Kwade te werk gaat om zijn uiteindelijke doel te bereiken. Het levert enkele dramatische passages op die de menselijke zwakheid genadeloos blootleggen en uiteindelijk tot een niet geheel onverwacht, maar wel ontluisterend einde leiden.
 
Peter Van den Ende vat in zijn minutieuze pentekeningen, in een subtiel spel van licht en donker, de eenzaamheid van de dolende mens pijnlijk accuraat. De verlaten figuur van Popov is op een enkele keer na alleen afgebeeld, zwerft door kille, onherbergzame ruimtes. Het ruitenmotief, dat zijn sinistere kompaan tegen wil en dank in herinnering houdt, begeleidt hem tot het donkere, onafwendbare einde. Er zit mysterie in Van den Endes beelden van gesloten gebouwen, eindeloze wegen en verre vertes. De op het eerste gezicht stemmige beelden houden een latente dreiging in, die een enkele keer, met theatraal effect, zichtbaar wordt. Zoals het enige beeld waarop Popov een ander echt naderkomt (‘nu begrijp ik dat ik / al die tijd al / hier moest zijn’), dat wordt gevolgd door een eclatant beeld van de duivel die zijn vermommingen aflegt.
 
Peter Van den Ende, nog maar enkele jaren geleden opvallend gedebuteerd met de graphic novel Zwerveling, is met slechts drie uitgaven niet meer weg te denken. Nog tot 18 december kun je zijn werk voor Zwerveling gaan bekijken in een indrukwekkende tentoonstelling in de bibliotheek van Hasselt.
 
Bart Moeyaert, Peter Van den Ende: Iemands lief, Querido, Amsterdam 2021, 95 p. : ill. ISBN 9789021429809. Distributie L&M Books

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 10, DECEMBER 2021

Anarchisme. Van Bakoenin tot de commons

Ludo Abicht

De minzamen

Koen Peeters

Harlem Shuffle

Colson Whitehead

Nasr Compacter

Ramsey Nasr

Nocilla-trilogie

Agustín Fernández Mallo

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 10, DECEMBER 2021

De heen-en-weerbrief

Gerda Dendooven

Een wonderprachtig dier

Britta Teckentrupp (ill.)

Elke rimpel een verhaal

David Grossman, Ninamasina (ill.)

Het strand

Sol Undurraga

Uit het niets

Aline Sax

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri