Vertaald proza

BOEKEN NR. 7, SEPTEMBER 2022

Mauro Corona: Als een steen in de stroom

door Katja Feremans

Mauro Corona (1950) is wereldberoemd in Italië. De schrijver uit de Dolomieten heeft ruim twintig romans en verhalenbundels op zijn naam staan. Daarnaast is hij beeldhouwer en kennen velen hem als fervent bergbeklimmer. Verder maakt hij op de Italiaanse televisie geregeld zijn opwachting als gast in praatprogramma’s. Al meermaals heeft hij daarbij door onbehouwen uitspraken stof doen opwaaien.  

Dat onbesuisde komt terug in het karakter van de hoofdpersoon in Mauro Corona’s sterk autobiografisch geïnspireerde roman Als een steen in de stroom. Het boek draait om de levenslang doorwerkende gevolgen van een jeugd getekend door fysieke en emotionele ontbering. Mauro Corona schreef het al in 2011. Het is zijn eerste werk dat in het Nederlands verschijnt. Bij Wereldbibliotheek staan er nog twee andere van zijn boeken op stapel: Het leven van Celio en zijn debuut uit 1997, de verhalenbundel De vlucht van de marter. Alle drie spelen ze zich af in de Dolomieten, de plek waar hij vandaan komt en tot op vandaag mee vergroeid is.
 
We leren de hoofdpersoon in Als een steen in de stroom beter kennen via de herinneringen van een vrouw die hem als geen ander begreep. Met haar kleinzoontje op de arm loopt ze door een schemerige kamer vol sculpturen. Tussen de beelden, die de man lang geleden uit boomstronken gehaald heeft, roept de vrouw zijn gekwelde kinderjaren op. Die stonden in het teken van armoede en hard labeur. Zijn vader deelde klappen uit, zijn moeder zocht een tijdlang andere oorden op. Daarop werden hij en zijn twee jongere broertjes toevertrouwd aan hun grootouders aan vaders kant. Als een wees met levende ouders, zo had hij zich toen gevoeld.
 
Als kind begon hij onder de vleugels van zijn grootvader te beeldhouwen. Dat was een lichtpunt, want het fascineerde hem, om het hout onder zijn handen te zien veranderen in pollepels en kommen. Met een zakmes kerfde hij in de bolle lepelkant vaak een neus, ogen en een mond, om er zo leven in te blazen.
 
In en rond het dorpje waar ze woonden, lieten ruim tweeduizend mensen in 1963 het leven door een verwoestende overstroming. In de nasleep van de ramp werd hij op kostschool gestuurd. Na zijn schooltijd keerde hij terug naar het bergdorp. Hij ging er aan de slag als arbeider in de bouw en later als steenhouwer in een marmergroeve. In die moeilijke jaren zocht hij verstrooiing in drank en baldadig gedrag. Zijn nurksheid schudde hij nooit helemaal af, maar voorts herpakte hij zich, toen hij als beeldhouwer en schrijver voet aan de grond kreeg. Hij werd een publiek figuur, wiens sluwe grijns in de ene na de andere tv-uitzending te zien was. Rond zijn zestigste kwam hij er evenwel achter dat de schijnwerpers en de roem niet alleen zijn ijdelheid streelden, maar ook zijn innerlijke rust volledig tenietdeden.
 
Hij verlangde naar meer harmonie en trok zich daarom opnieuw terug in de afgelegen bergen van zijn kindertijd. Als bejaarde kluizenaar kwam hij er nu geleidelijk aan in een roes onder invloed van rondzwevende geesten en allerhande nachtelijke natuurgeluiden, zoals rochelende ransuilen en de roep van hongerige marters.
 
Zijn dagen waren gehuld in een nieuwe magie, die ook de wisselwerking veranderde tussen hem en die ene vrouw, die zijn ziel kon lezen. Voorheen koesterden de twee hun schaarse uren samen, maar gaandeweg kwamen ze aan fysieke ontmoetingen niet meer toe en reikten ze enkel in gedachten nog naar elkaar. Zo verzeilden ze synchroon in een soort paranormale waanzin.
 
Naarmate de man in de winter van zijn leven meer en meer opgaat in zijn afzondering, zijn het overigens niet meer de herinneringen van de vrouw die een beeld van zijn leven geven. De roman klinkt gaandeweg als het logboek van de man, die intussen tot ver voorbij de grenzen van de realiteit kan zien. Zijn geloof in bovennatuurlijke krachten neigt naar melig sentiment. Die stroperigheid staat haaks op de wrevelige en larmoyante toon die overheerste, toen het boek over zijn gekwelde verleden ging. Om die bijna sprookjesachtige wending te kunnen volgen, moet je dan ook zelf een bocht van honderdtachtig graden (willen) maken.
 
Mauro Corona: Als een steen in de stroom, Wereldbibliotheek, Amsterdam 2022. 223 p. ISBN: 9789028450752. Distributie Mythras books

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 7, SEPTEMBER 2022

Achter de slaperdijk

Martha Heesen

De rozentuin

Maeve Brennan

Krop : want er is tussen ons iets enorms aan de gang

Anne Provoost

Scheiden

Susan Taubes

Weerlicht

Jante Wortel

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 7, SEPTEMBER 2022

Aicha en de verloren taal

Fikry El Azzouzi, Trui Chielens (ill.)

Alma; Van Honduras naar de Verenigde Staten, 2500 kilometer op de vlucht

Sander Meij

Bliksemkind

Hans Hagen, Martijn van der Linden (ill.)

De dag dat Oorlog naar Rondo kwam

Andriy Lesiv, Romana Romanyshyn

Onheilsdochter

Jean-Claude van Rijckeghem

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri