Poëzie

BOEKEN NR. 6, JUNI 2022

Charles Baudelaire: Le Spleen de Paris / Parijse walging / Paris Spleen

door Jan Baes

Prestigieuze drietalige uitgave van Le Spleen de Paris, waarvan het Nederlandstalige gedeelte werd verlucht met schilderijen en tekeningen van de Zuidafrikaanse kunstenares Marlene Dumas. Een project dat samen met Hafid Bouazza werd opgezet ter gelegenheid van het feit dat Charles Baudelaire (1821-1867) tweehonderd jaar geleden geboren werd, maar dat jammer genoeg niet kon worden voltooid omdat Bouazza in april 2021 overleed. Er waren toen twintig van de vijftig prozagedichten voltooid, samen met de begeleidende illustraties van Dumas.  

In haar voorwoord memoreert de kunstenares een eerdere samenwerking met Hafid Bouazza voor Shakespeares Venus en Adonis, die blijkbaar naar meer smaakte en het is zondermeer jammer dat hun tweede project niet helemaal kon worden afgewerkt. Intussen werd, ter nagedachtenis van Hafid Bouazza toch besloten het onvoltooide werk, zowel wat de vertalingen als de illustraties betreft tot een boek te verwerken. Dat, ter voorbereiding van de Biënnale van Venetië, begin 2922 in het Palazzo Grassi een overzicht (de Pinnault Collection) werd getoond van het werk van Marlene Dumas en daar ook de illustraties voor Le Spleen de Paris aan bod kwamen, onderstreept het belang van deze publicatie. Alleen al de indringende portretten van Baudelaire en Bouazza verdienen de aanschaf en/of de verplaatsing.
 
In tegenstelling tot veel van haar confraters in de actuele kunst verkiest Dumas in het algemeen kleine, meer intieme formaten voor haar werk waardoor ze (less is more) emoties en allerlei  nuances accurater weet te treffen. Ze dwingt ons door de schijnbare eenvoud van haar voortstellingen, of de op het eerste gezicht abstracte uitwerking ervan, een tweede keer te kijken om zo het contact, dat eerst efemeer en oppervlakkig leek een eigen plaats te geven en voor goed te confirmeren. Omdat niets in haar werk neutraal, maar altijd gevoelsgeladen is, kan daardoor elk beeld alleen maar aan betekenis winnen. Ook al blijft die betekenis voor altijd mysterieus.
 
'Ik houd van de wolken... de wolken die voorbijtrekken...daar...en ginds... de wonderbaarlijke wolken!', de laatste zin van het eerste prozagedicht De vreemdeling, en de eerste zin van Het confiteor van de kunstenaar, 'Hoe doordringend zijn de uiteinden van de herfstdagen! Ah! Zo doordringend dat het pijn doet!', ze zijn beide aanleiding voor twee gelijkaardige, en bij nader inzien uiterst expressieve schilderingen van water en wind, van stilte en beweging, van duur en vergankelijkheid. Klein maar heftig.
 
In Een snaak heeft Baudelaire het over een ezel, 'deze gigantische imbeciel, die mij toescheen alle karakteristieken van Frankrijk in zich te verenigen'. Marlene Dumas houdt het heel eenvoudig bij een klein ezelshoofdje dat ons met z'n ene oog droef aanstaart terwijl het andere angstig van ons wegdraait. Meelijwekkend en meedogenloos.
 
Een aantal prozagedichten krijgen de typische Dumas toets, vage en onrustwekkende figuren die, subtiel gekleurd, hun mysterieuze acties tonen en terzelfdertijd verbergen. Zoals in De dubbele kamer of Ieder zijn chimera, en ook het in de tijd en voor onze blik in het niets oplossende De oude acrobaat. Opmerkelijk ook is het intense en schrijnende portret bij de tekst van De nar en Venus (zie ill. hieronder). Dumas laat nooit na, maar altijd bij een tweede visie, haar indruk voor goed te vestigen.
 
Hafid Bouazza, auteur van de knappe en met de Gouden Uil bekroonde roman Paravion, levert een vlotte vertaling die een zeker elan en verwantschap met de dichter toont, maar die spijtig genoeg niet kon worden afgewerkt. Na een vergelijking met twee eerdere vertalingen (Jacob Groot, Het Spleen van Parijs, Voetnoot, 2021 en Thérèse Fischer en Kees Diekstra, De melancholie van Parijs, Ambo, 1995) zien we dat ze erg gelijklopend zijn en dat de ene taalvondst al gelukkiger uitpakt dan de andere of vice versa. Dat blijkt ondermeer uit de zin die Marlene Dumas oppikte uit De dubbele kamer voor haar voorwoord en waarin ze zowel de fascinatie voor de dood als de extase van het leven, dat zowel Baudelaire als Bouazza tekent, teruglas. Drie Nederlandstalige versies dus plus een Engelstalige en de oorspronkelijke :
 
'Er is maar één enkele seconde in een mensenleven die de opdracht heeft goed nieuws te brengen, het goede nieuws dat bij iedereen zo'n onverklaarbare angst veroorzaakt' (J.G)
 
'Er is in het leven van een mens slechts één seconde die de opdracht heeft een blijde boodschap te brengen, de blijde boodschap die eenieder een onverklaarbare vrees inboezemt.' (Th.F./K.D.)
 
'Er is maar één Seconde in een mensenleven die de taak heeft goed nieuws te verkondigen, het goede nieuws, dat bij iedereen een onverklaarbare angst veroorzaakt.' (H.B.)
 
De vertaling van Louise Varèse (1890-1989), vriendin van de Nederlandse kunstenaar Mondriaan en bekend in de modernistische milieus van New York, dateert al van 1947 en werd toen ook bekroond.
 
'There is only one Second in human life whose mission it is to bring good news, the good news that causes every one such inexplicable terror.'
 
En Baudelaire zelf : 'Il n'y a qu'une Seconde dans la vie humaine qui ait mission d'annoncer une bonne nouvelle, la bonne nouvelle qui cause à chacun une inexplicable peur.'
 
'Nu maar hopen, schrijft Marlene Dumas, dat de dood niet alleen de verlosser van het vreselijke juk van de tijd is, waaronder de schrijver leed, maar ook de overweldigende extase bood die zijn vertaler zo goed begreep en waarnaar hij verlangde.'
 
Ze maakt in haar voorwoord ook melding van een mailtje waarin Bouazza op het laatste moment zijn voorgenomen titelvertaling Het Parijse Spleen veranderde in Parijse walging. Het ambivalente woord Spleen is, zoals altijd blijkbaar, een probleem voor de vertalers. Voor Baudelaire zelf was het zeker geen vage, passieve term zoals melancolie, maar eerder een actief, op het heden en altijd naar elders gericht verlangen, en dus niet echt te vervangen. 'Walging' in de zin van Sartres La Nausée lijkt me dan ook geen voordehandliggende keuze want te fel en te eenzijdig. Maar vrijheid blijheid.  
 
Charles Baudelaire, Marlene Dumas, Hafid Bouazza: Le Spleen de Paris / Parijse Walging / Paris Spleen, Querido, Amsterdam 2022, 32 p. ill. ISBN 9789021422114. Distributie L&M Books

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 9, NOVEMBER 2022

De blauwe schuit

Shūgorō Yamamoto

Het lied van ooievaar en dromedaris

Anjet Daanje

Ogentroost

A.H.J. Dautzenberg

Voor wie de tijd verstrijkt

Miriam Van hee

Weerspiegeld in een waterglas

Annette Portegies

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 9, NOVEMBER 2022

Achter de bomen stond een leeuw

Daan Remmerts de Vries

De Pinguïnsint en andere dierenklazen

Edward van de Vendel, Saskia Halfmouw (ill.)

Het levende hoofd

Els Pelgrom, Sylvia Weve (ill.)

Ik ben hier!

Joke van Leeuwen

Wolvenweer

Simon van der Geest, Karst-Janneke Rogaar (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri