9+ - Binnen een
paar jaar bereikte Yorik Goldewijk de positie van bekend en gevestigd
schrijver. Met boeken voor verschillende leeftijden, in verschillende genres. De
klapper was Films die nergens draaien, een ingenieuze psychologische roman waarmee
hij de Gouden Griffel won. Het zou kunnen dat het de uitgever daarom wel handig
leek Goldewijks debuut Billy Extra Plankgas (2019) en het vervolg daarop
Door de bodem van het heelal (2020), allebei nauwelijks besproken, nu in
één bundel (weer) onder de aandacht te brengen. Beide verhalen zijn varianten
op een van de bekende elementen en wetten van het avonturenverhaal: het redden
van de wereld. Met een opdracht, een held, de helpers (samen het team) en een
schurk.
Op een
avond crasht een ruimteschip met zo’n typisch ruimtefiguurtje (twee sprieten
boven zijn hoofd, drie ogen) op het dak van het hoofdpersonage Dexter. Die
vindt dat machtig interessant. Hij maakt kennis met het wezentje, dat Wimm
heet. Ze praten wat over het heelal (lievelingsonderwerp van Dexter), Wimm
deelt laconiek mee dat de Aarde, niet meer dan een ‘versmoezelde planeet’,
verloot gaat worden door het op Saturnus gevestigde ministerie van Tijd en
Ruimte. Er zijn toch maar weinig interessante Aardlingen. Ja, er was een zeer beroemde
geleerde, Edison Einstein, maar die is zoek. Op slag beseft Dexter hoeveel hij
van zijn wereld houdt. Hij besluit de Aarde te gaan redden en op Saturnus de
eigendomspapieren ervan op te gaan halen.
Wimm en hij zetten het uit
elkaar gespatte ruimteschip met allerhande onderdelen, zoals een fietsstuur,
weer in elkaar, slikken een ruimtepil (dat wordt een running gag in beide delen:
daarna laat je een stevige boer) en vertrekken. Al snel maken we via een flyer
kennis met de, later voor superschurk in aanmerking komende Filibert Fabulo. Een
tweekoppige zanger, filmster en eigenaar van vele kledinglijnen, oftewel de
bekendste beroemdheid van de Melkweg. Onderweg doen ze de maan aan om daar bij
maanboer ZiZa de voedzame maanmelk in te slaan. ZiZa besluit mee te gaan, het
team is compleet. Dexter leest zich onderweg eens goed in, met een boek over
het heelal van ZiZa; de Aarde krijgt precies drie zinnetjes…
Volgt een boel ‘eng’ gedoe. Net
niet naar onder getrokken worden door Kieuwlingen van een zeeplaneet. Een
bezoek aan de Roez Club, waar het geboefte zich graag vermaakt. De reis enorm
versnellen door gebruik te maken van een warpkuil. Een zwart gat in gaan. Een
belangrijke rol voor het volbloed happy end speelt het sterrenlicht, door
Dexter in een gieter meegenomen. Filibert blijkt een minder schurkerige schurk
dan gedacht (dat gegeven speelt nog een belangrijke rol in boek twee), als de
grote Edison Einstein opduikt.
Boek twee hanteert dezelfde formule, maar dan nog een
streepje verder: deze keer moet het hele Heelal gered worden. Het team is
hetzelfde, alleen gaat nu Dexters zus Franka mee. Dat geeft stress bij Dexter,
maar Franka heeft duidelijk allerlei talenten. Edison Einstein (Edje voor zijn
vrienden) is opnieuw de feitelijke aanjager. Vermomd als invalmeester legt hij
contact met Dexter om samen met hem en de anderen een enorm probleem met de
tijd op te lossen.
De superschurk van dit deel is de engerd Staggnus Verleth die eropuit is het
universum te bevriezen. Er is duidelijk iets met de tijd aan de hand. Het
begint met Dexters versteende ouders (met meteen een oergeestige, laconieke
scène met vader op de wc). Dexter en Franka vertrekken met Edje in de BEP naar
de Grote Nood Huppeldepup, een megaconferentie van miljoenen heelalhotemetoten
in UIltimega IX, de grootste stad van de Melkweg. Tot een oplossing komt het
daar niet. Dus zullen onze helden de schurk zelf moeten uitschakelen.
De eerste en meteen belangrijkste
confrontatie vindt plaats op het kleine planeetje waar het allemaal draait om
het pas gesloten, supergeheime Ministerie van Orde. Een paar erg mooie
hoofdstukken worden gewijd aan deze kleine saaiste planeet met de sprekende
naam Mufmor, waar de ambtenaren, de Dufslampers, huizen. Die verzinnen allerlei
op de lachspieren van de lezers werkende regels om je aan te houden. Niet heel
origineel, het motief van de tuttende ambtenarij, maar Goldewijk bakt er wel
iets leuks van.
De oplossing blijkt te liggen in het veilig stellen van de kern van alles
en de oorsprong van tijd: de sterrenzee, op de bodem van het heelal. Staggnus,
verheerlijker van de absolute Orde onder het motto: stilstand is schoonheid, is
bezig die sterrenzee te bevriezen. Het einde van de tijd…
Het aangename van Goldewijks
aanpak is, dat hij geen enkele moeite doet tijd en ruimte aannemelijk te maken.
Het gaat in deze ketende kluts van supersonisch en futuristisch met alledaags,
ouderwets en aards om het avontuur. Het bespaart de lezer een hoop gezeur en
gezanik over technische nieuwigheden. De plaats van de bekende planeten, die klopt
wel, maar verder lijkt het onmetelijke heelal vaak op een verkleinde versie van
onze wereld. Als een van de helden jammerlijk lijkt te verdwijnen, wordt hij later
teruggevonden alsof we de dorpsstraat uitgelopen hebben. Robots verkeren
gezellig met postduiven, ouderwets geestige piraten en brievenschrijvers. Een
eigendomsakte haal je aan een loket. In een uit allerlei ‘rommel’ opgetrokken
ruimtevaartuigje ga je door de dampkring, maar wel heb je een supersonische
helm op om de ander te kunnen verstaan.
Tussen alle fantastische
gebeurtenissen, vaak met veel humor gebracht (zoals het speelse kromtaaltje van
Wimm en piratengein), zorgt Goldewijk ook nog voor enige reflectie. Vooral in het
tweede boek zijn er een paar mooie passages over de tijd en over de
(on)begrijpelijkheid van het heelal.
Tekenaar van dienst Kees de Boer
is de ideale begeleider van en aanvuller op de gebeurtenissen. Dat geldt zowel
voor de weergave, alles in zwartwit, van de verschillende personages (van fraai
etherische en tegelijk dreigende prinsessen tot lekker gekke piraten en precies
goeie schurken met bijbehorende kleerkasten) als voor de zeer verschillende
ruimtes (van ruimteschepen onder de sterren tot simpele kantoorruimtes).
Een goeie zet dus van
de uitgever om dit eerste werk van Goldewijk weer even in het zonnetje te
zetten.
Yorick Goldewijk, Kees De Boer: De ruimtereizen van Billy
Extra Plankgas, Ploegsma, Amsterdam 2025, 409 p. : ill. ISBN 9789021686592. Distributie
Standaard Uitgeverij
deze pagina printen of opslaan