Lichtvang. Gedichten

Allard Schröder geniet een grote bekendheid als schrijver van romans. Sommige van zijn boeken werden bekroond. Minder bekend is dat hij, enigszins in de marge van dat literaire proza, ook gedichten schrijft. In zekere zin is de invloed van de verteller in deze gedichten merkbaar. Er is doorgaans een sterk ik aan het woord, een stem die ook meermaals de lezer aanspreekt. Dat perspectief gaat gepaard met een neiging om scènes te vertellen en uitvoerig te beschrijven, een dimensie waarin Schröders talent helemaal tot uitdrukking kan komen.  
 
Veel van de gedichten uit Lichtvang zijn gebaseerd op een wisseling in perspectief. De dichter vertrekt van herkenbare gegevens, van zintuiglijke observatie of een courante anekdote. Gaandeweg wordt die dan in het vers ‘vervreemd’ door de introductie van verrassende elementen of een plots beeld. De werkelijkheid verschijnt zo in een nieuwe, andere gedaante. Een toevallige ontmoeting of een scène in een koffiehuis vormen de aanleiding om na te denken over het bestaan, om weg te dromen, om associatief gelijkaardige ervaringen op te roepen. Doorgaans krijgt het vers daardoor een dubbele dimensie, want het realisme wordt doorbroken voor een sterk symbolische zingeving. Schröder is, met andere woorden, als dichter duidelijk iemand die de verworvenheden van het historische symbolisme en de romantiek voortzet. Daarbij gaat het deels om het melancholische verlangen naar een archaïsche of meer volkomen wereld, thema’s die ook in Schröders verhalen en romans vaak belangrijk zijn.  
 
Binnen dat project spelen de verbeelding en de taal vanzelfsprekend een centrale rol. Schröder gaat steevast op zoek naar een gestileerde taal. Hij schildert als het ware zijn gedichten met woorden, en ritmische patronen zijn daarbij essentieel. De barokke taal, de breed uitwaaierende zinnen, de herhalingen: alles draagt ertoe bij om dat niveau van de banale realiteit te transformeren en te overstijgen. Die plechtstatige zegging zal misschien sommige lezers afschrikken, maar voor wie het geduld neemt om van regel tot regel, van zin tot zin mee te mijmeren met de dichter biedt deze poëzie een unieke plaats om mee te dromen, mee te denken. Ook de lezer verliest in dit proces wat van zijn specifieke identiteit en wordt een soort van archetypische getuige bij deze eigenzinnige ervaringen.
 
Allard Schröder: Lichtvang. Gedichten, De Arbeiderspers, Amsterdam 2024, 63 p. ISBN 9789029553094. Distributie L&M Books

© 2026 | MappaLibri