Nou ja zeg!

8+ - Vóór je het weet, gaan kinderen in onze op materiële zekerheid georiënteerde maatschappij in de richting van de aangepastheid. Wel zo gemakkelijk. Aangepaste kinderen worden later soepeltjes leden van de suf zwijgende meerderheid. Robbert-Jan Henkes en illustrator Aart Clerkx schiepen met De bende van Lieke en het vervolg Nou ja zeg! Nieuwe avonturen van de bende van Lieke een aantrekkelijke tegenkracht van eigenzinnigheid en afwijkende logica. In een reeks korte verhalen voor kinderen wordt de belevingswereld van Lieke en haar vriendinnenbende op aanstekelijke wijze aan lezertjes en voorlezers gepresenteerd.  

Gevoel voor het absurde, het ontregelende en zelfs het filosofische zijn daarbij niet te missen. Clerkx, maker van alternatieve strips, vult de doordachte lichtheid van de verhalen mooi aan met pagina grote pentekeningen waarop bijzaken de hoofdzaken extra in het perspectief van olijke gekte plaatsen. Er is veel te zien en te grinniken. Verhalen en tekeningen zijn bovendien aangeraakt door een subtiele lulligheid die doet glimlachen.
 
Het is geen toeval dat Robbert-Jan Henkes een van de vertalers is van teksten van Daniil Charms, de grote Russische absurdist, die ook voor kinderen schreef. ‘Het leven interesseert mij alleen in haar ongerijmde verschijningsvorm,’ noteerde Charms (1905-1942) in zijn dagboek. Dit credo moet ook de makers van Lieke geïnspireerd hebben. In de verhaaltjes komen we weliswaar goed invoelbare situaties, lotgevallen en gemoedstoestanden uit het leven van alle dag tegen, maar die komen zeker niet op een voorspelbare manier uit de verf. Het omkeren van een redenering, het gebruiken van eigenzinnige logica, het ongewoon omgaan met twijfel of verlies: serieuze zaken worden op die manier voor de lezers in een goed verteerbaar ander daglicht gesteld. Niet zelden geven de verhaaltjes aanleiding tot vragen. Het kan leuke gesprekken opleveren tussen kinderen en volwassenen. Uiteindelijk zijn we natuurlijk allemaal kinderen, dat hebben Charms en Henkes/Clerkx heel goed begrepen.  
 
In ‘Oma’ wordt het overlijden van een grootmoeder nogal zakelijk geëvalueerd door Lieke. Er zit weinig sentimenteels in haar overpeinzingen. Ze relativeert in haar gedachten het loodzware gegeven van doodgaan, terwijl haar moeder haar eigen verdriet op Lieke probeert te projecteren. En dan blijkt ook nog dat de overledene een notoire ruziezoekster was. Ook intrigerend is ‘Het klimaat’, waarin Lieke de heiligheid van het dienen van ‘goede doelen’ doeltreffend onderuit haalt.
 
Het taalgebruik in de verhalen is op enkele bewust gebruikte moeilijke woorden na eenvoudig. De aardigste uitdaging in deze verhalen is het tegendraadse.
 
In de laatste verhalen is de bende voor onbepaalde tijd buiten werking gesteld: de Covid-periode doet zijn intrede. Niet dat dit een enorm ontwrichtende werking op Lieke heeft. Zonder vriendinnen en op zichzelf aangewezen krijgt ze opeens oog voor wat er om haar heen gebeurt. De natuur: er leeft van alles in. ‘Al dat gewriemel, al dat gedoe dat alle planten en beesten voor je ogen opvoerden. Al die geluiden die ze maakten. De geuren die je rook. Wat waren ze allemaal druk in de weer.’ In Liekes wereld staat niets apart en krijgt niets je klein. ‘Alles wat er kon gebeuren hoorde er gewoon bij.’
 
Robbert-Jan Henkes & Aart Clerkx: Nou ja zeg! Nieuwe avonturen van de bende van Lieke, Querido, Amsterdam 2022, 157 p. : ill. ISBN 9789045126203. Distributie L&M Books

© 2024 | MappaLibri