Peuters en kleuters

JEUGDBOEKEN NR. 4, APRIL 2020

Jef Aerts & Merel Eyckerman: Elke dag iemand anders

door Loes Reichenfeld

5+ - Juno is een meisje met een enorm grote bos zwarte krullen dat, met haar handen in de zij en een zelfverzekerde blik in haar amandelvormige ogen, de lezer uitdagend aankijkt. Elke dag van de week verandert ze in iemand anders. Op maandag is ze dirigent, op dinsdag een diepzeeduiker en op woensdag een grote groene erwt. Haar broertje Billy gaat helemaal mee in de fantasie van Juno. Hij is lid van het orkest, komt haar vol vertrouwen als een haai achterna in de kelder en laat zich als prinses verkleden om op de stapel matrassen te gaan liggen waaronder Juno zich heeft verstopt.
 
Juno’s verzinsels worden steeds grootser. Op vrijdag is Juno zelfs een heel feest. Maar dan sluipt op zaterdag het noodlot binnen. De schutbladen laten dit kantelpunt zien met de vrolijke confetti van het feest die wordt overschaduwd door een donkerbruine oorlog. Het is het moment dat Billy het niet meer zo leuk vindt wat Juno allemaal doet. Dat gebeurt op zondag:  
 
‘Ze raast maar door en vecht de hele nacht. ‘Hou op!’ gilt Billy. ‘Je maakt alles kapot!’’.
 
De illustraties van Merel Eckerman breiden het verhaal uit in een complementaire relatie met de tekst. De ongebreidelde fantasie van Juno komt prachtig in de afbeeldingen naar voren. Ze laat zien dat ‘een groot beest’ een vervaarlijk uitziende wolf is die de confetti vertrapt en op de lezer afsnuffelt. De spanning is bijna tastbaar in de illustraties. Ook zie je dat Billy zijn blauwe knuffel op elke pagina meeneemt. De knuffel vertegenwoordigt zijn gemoedstoestand. In het begin van het verhaal doet hij vrolijk met Billy mee. De maat is vol voor Billy als de wolf zijn knuffel vertrapt. Met een van verdriet en pijn vertrokken gezicht verschansen ze zich samen onder het bed. Je ziet Billy de wonden verzorgen.
 
Dit is het moment dat Juno beseft dat ze het zo niet heeft bedoeld. Ze duikt haar bed in en komt er niet meer uit. Mooi om te zien is dat nu de rollen worden omgedraaid. Want het is Billy die al roffelend met de lepels op een pan om zijn nek laat weten dat Juno niet niemand kan zijn. Hij zorgt ervoor dat ze tot een nieuw inzicht komt, vertolkt door het mooiste zinnetje ‘Ik ben ik ben ik ben ik ben ik ben ik.’
 
Gelukkig hervindt Juno haar verbeeldingskracht en wordt ze weer elke dag  
iemand anders, maar minder extreem. Gewoon een skiër tussen de wolken, een racepiloot in de schoolbus of een draak met schubben van glas. Billy kijkt weer vol bewondering naar zijn zus op en is dolblij als ze ook gewoon zomaar zijn zusje is.  
 
Wat heerlijk als kinderen vandaag de dag zich kunnen onderdompelen in hun fantasie en elke dag iemand anders kunnen zijn. Een troost (en must?) in onzekere tijden.
 
Jef Aerts, Merel Eyckerman: Elke dag iemand anders, Querido, Amsterdam 2020, 26 p. : ill. ISBN 9789045123998. Distributie Standaard Uitgeverij

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 10, NOVEMBER 2020

Gesmoorde woorden

Olivier Rolin

Het verdriet van Spanje

Christiane Stallaert

Op weg naar De Hartz

Wessel te Gussinklo

Precieuze mechanieken. Nieuwe gedichten

Erwin Mortier

Tien jaar later

Harry Mulisch

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 10, NOVEMBER 2020

De Baron von Münchhausen

Wouter Deprez, Randall Casaer (ill.)

Gloei; interviews en gedichten.

Edward van de Vendel, Floor de Goede (ill.)

Het sleutelbeengebaar

Hilde Van Cauteren

Sterker dan elk afscheid

Enrico Galiano

Woorden temmen: Van kop tot teen

Charlotte Van den Broeck en Jeroen Dera

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri