Vertaald proza

BOEKEN NR. 8, SEPTEMBER 2017

Colette: De eerste keer dat ik mijn hoed verloor. Zelfportret in verhalen

door Katja Feremans

Sidonie-Gabrielle Claudine Colette (1873-1954) schrok er niet voor terug om de Parijse beau monde te choqueren. Een grote bron van ophef was de rist minnaars en minnaressen die ze eropna hield naast en tussen haar drie huwelijken. Nogal wat commotie was er ook toen ze haar nog prille literaire reputatie in 1906 op het spel zette door te kiezen voor een carrière op de planken. Een regelrecht schandaal volgde er op een kusscène met haar toenmalige geliefde Missy in een mimestuk in de Moulin Rouge.
 
De provocerende beroemdheid heeft echter ook een introverte kant. Ze trekt zich graag alleen terug en voelt een sterke verbondenheid met alles wat groeit en bloeit, wat ruimschoots blijkt uit de teksten die Kiki Coumans voor Privé-domein heeft geselecteerd, (her)vertaald en voorzien van een inleiding en een reeks mooie foto’s.

‘Hoe zalig was het om geen literaire roeping te hebben! Mijn kindertijd en mijn vrije, eenzelvige adolescentie, beide gevrijwaard van de zorg om me uit te willen drukken […]’, aldus Colette. En toch is haar leven voorbijgegaan met schrijven. Ze had namelijk geen vak geleerd, maar wilde wel haar eigen boontjes doppen. Op aansturen van haar eerste echtgenoot tekende ze haar jeugdherinneringen op. Met die verhalen over het vrijgevochten pubermeisje Claudine schoot haar schrijverscarrière meteen uit de startblokken.
  
Naast proza schreef ze doorlopend artikelen, columns en recensies. Daarbij ging ze net als in haar romans van haar eigen waarneming uit. De selectie die uit haar journalistieke werk is gemaakt voor De eerste keer dat ik mijn hoed verloor, opent met het leven van alledag in en rond haar geboortehuis met de paradijselijke tuin in het dorp Saint-Sauveur in de Bourgogne. Eenzelfde ongeregelde sfeer ademt Colettes buitenverblijf met de aan zee grenzende wijngaard net buiten Saint-Tropez. Neem nu de licht rossige veldslang die er in een mand vol uien mee binnenkwam. Tot tweemaal toe werd het gezelschap minnende dier met het fijne kopje naar de tuin verbannen, maar telkens veroverde het weer de keuken, waar het uiteindelijk met instemming van Colettes kokkin mocht blijven.

Passeren nog de revue: het moederschap; twee wereldoorlogen; het toeren als variétéartieste; Colettes reizen naar Marokko, Algerije en New York in de jaren twintig en dertig; haar liefde voor katten; het Palais-Royal in hartje Parijs, waar ze jarenlang op een entresol woonde, maar van 1938 tot haar dood in 1954 een appartement had dat uitkeek op de tuin, een rond bassin met pluimen van stuifwater en knokige, gesnoeide olmen.
 
‘Kijk!’, hoorde Colette als kind ontelbare keren uit haar moeders mond. De aanleiding kon een harige rups in de tuin zijn, de knop van een zwarte iris die net openging of de kleur van de hemel bij naderend stormweer. Met eenzelfde gretigheid geeft Colette haar ogen de kost. Haar gulzige blik zuigt je van het ene verhaal mee in het andere. Stuk voor stuk zijn het juweeltjes van observatie, explosies van kleuren, geuren en smaken. De schrijfster heeft nooit onder stoelen of banken gestoken dat ze autobiografische elementen vervormde in functie van de stilistische kwaliteiten van haar werk. Toch suggereren deze teksten een grote openhartigheid, want in elk zien en inzoomen schuilt er tenslotte een persoonlijke interpretatie van de feiten.
 
Door hun aanhoudende, zinnelijke intensiteit zijn deze gebundelde impressies en ervaringen bij momenten behoorlijk overweldigend. Maar wees gerust, af en toe gunt Colette je een adempauze onder een van haar zuiderse luchten die zwaar zijn van de geur van blauweregen of mimosa.
 
Colette: De eerste keer dat ik mijn hoed verloor. Zelfportret in verhalen. Privé-domein Nr 291, De Arbeiderspers, Amsterdam 2017, 359 p., ISBN 9789029511193. Vertaling uit het Frans door Kiki Coumans. Distributie: L&M Books

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 10, NOVEMBER 2017

Antigone in Molenbeek

Stefan Hertmans

De vrouw met het rode haar

Orhan Pamuk

Een zachte hand

Leïla Slimani

Hotel Moederland

Yusuf Atılgan

Zuivering

Tom Lanoye

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 10, NOVEMBER 2017

Brobot

James Foley

Helemaal aan de rand van mij, ben jij

Agnès de Lestrade, Valeria Docampo (ill.)

Twintig parels

Ed Franck, Martijn Van der Linden (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri