Vanaf negen jaar

JEUGDBOEKEN NR. 14, DECEMBER 2016

Koos Meinderts, Annette Fienieg (ill.): Naar het noorden

door Henk Van Viegen

9+ - Een jeugdboek dat geheel gewijd is aan het uitbesteden van kinderen op het platteland om aan te sterken, dat was er volgens mij nog niet. Er zijn wel boeken waar dit aspect van de hongerwinter even aan de orde komt, of romans die er tegenaan schuren zoals Anna Woltz’ Ik kan nog steeds niet vliegen (2012, Nederlandse kinderen mogen na de oorlog aansterken op het Deense platteland).   
In de volwassenenliteratuur komt Bernlefs Een jongensoorlog (2005, tweede nieuwe versie van Stukjes en beetjes uit 1965) dicht in de buurt. Op een kar gaat de hoofdpersoon uit dat boek naar zijn pleeggezin buiten de stad. Hij moet maar kijken hoe het er in zijn nieuwe woonplaats aan toegaat: wie kan zijn vriend worden, wie is meer een vijand, is een bepaalde figuur goed of fout, hoe loop je op klompen. Allemaal hetzelfde als in deze nieuwe roman voor kinderen van Koos Meinderts. Maar Naar het noorden geeft echt een compleet beeld.
 
Eerst de onhoudbaarheid van de kinderen in de grote stad. Op het omringende platteland is nauwelijks meer iets te krijgen of te ruilen, je krijgt de bekende scène van kinderen die langs de boerderijen gaan. Nel, Jaap (de ik-figuur) en Kleine Kees gaan naar het Friese platteland. Uitvoerig wordt vervolgens de reis beschreven, de scheiding van de drie kinderen. In deel drie komt aan de orde hoe je je moet aanpassen aan het nieuwe milieu. In dit geval is dat een nieuwe school met een echte vijand, en later een vriend. Maar ook pleegouders die streng protestants zijn, zoals de meesten in het dorp (Jaap is katholiek en wordt vriendelijk maar dringend gevraagd geen kruis te slaan). Ten slotte het weer thuis zijn.
 
Meinderts is goed in vorm, wel naar mijn idee iets minder dan in de twee romans voor oudere kinderen van de afgelopen jaren: Lang zal ze leven (2014) en De zee zien (2015, bekroond met de Boekenleeuw 2016). Het verhaal wordt vrij gewoontjes verteld, wat het gemeen heeft met toon en stijl van het boekenweekgeschenk van Dolf Verroen (aan wie Naar het noorden is opgedragen), een boek dat ook gaat over een 11-jarige in de oorlog. De humor is, voor Meinderts, opvallend bescheiden. Er heerst ook een zekere braafheid in het boek. Enkele motieven zijn erg bekend, zoals de tocht langs de boerderijen en de ‘NSB’er-die-toch-goed-blijkt-te-zijn’. Iets te sentimenteel, en met veel herhalingen, wordt het motief van een snel gestorven zusje uitgewerkt. Op de reis verzorgen de kinderen een op het laatste moment door een moeder meegegeven baby, en ze trekken voortdurend de parallel met dat zusje. Wel wordt dit motief erg mooi afgerond. Gelukkig is er ook het sterk geschreven laatste deel. De drie kinderen komen na de oorlog terug in hun gezin, maar ze zijn niet meer wie ze waren, en ook de ouders moeten hun positie herzien. Hier is Meinderts op z’n best.
 
Leuk zijn de motto’s. Het eerste is opgetekend uit de mond van het personage Jaap: ‘Geen oorlog is al vrede genoeg’, een algemeen te lezen vaststelling van hem als zijn privéoorlog met Tjeerd geëindigd is. Het tweede luidt: ‘Zelfs vindt de mus een huis, o Heer, psalm 84’. Zijn pleegvader Schut speelt het mooi op het harmonium. Mus en zwaluw (uit de tweede regel van de psalm) krijgen een plek op de tekeningen van Annette Fienieg, boven elk hoofdstukje staat een vogeltekening, de mus in het eerste deel, de zwaluw in deel vier. De gans in deel twee, want dan zijn de kinderen op weg. Voor drie hou ik het op de merel.
 
Aan het begin van elk van de vier delen staat een sfeervolle tekening in blauwwit, blauwwit (de kleur van het noorden) is er ook op het fijne integraalomslag. Het groenblauw van de schutbladen is hetzelfde als dat van de titels van de delen en de hoofdstukjes. Mooie vormgeving, die verbonden wordt met het tekenmotief. Een van de begeleidsters op de reis naar het noorden, Ankie, kan prachtig tekenen, vogels en portretten. Jaap gaat het ook best aardig kunnen in de loop van dit verhaal, bij voorbeeld zwaluwen. Pleegvader Schut vindt het mooi, pleegmoeder Schut, in de gereformeerde leer het strengst, vindt het waarschijnlijk op het randje, net als het engeltje, Jaaps attribuut, zo’n ‘gesneden beeld’. Evengoed zegt ze als Jaap vertrekt tegen hem: ‘En nu gauw wegwezen, anders hou ik je hier’. Die gereformeerden (Fienieg zet hun ‘zwartekousenkerk’ fraai op de Friese terp aan het begin van deel drie) komen er sowieso goed van af, maar niet steeds letterlijk. De soep schenkende, lieve boeren van een boerderij worden opgepakt. Hun boerderij heet: Eben Haëzer, ‘Steen der hulp’, ook wel gelezen als: tot hier heeft de Here ons geholpen.
 
Hoorn : Hoogland & Van Klaveren 2016, 198 p. : ill. ISBN 9789089672322

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 9, OKTOBER 2020

De Ghanese diaspora in het werk van Yaa Gyasi

Ontworteling en identiteit

De opgang

Stefan Hertmans

Het hele leven

Bart Moeyaert, Peter Van den Ende (ill.)

Het huis met de kersenbloesem

Sun-mi Hwang

Het leven speelt met mij

David Grossman

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 9, OKTOBER 2020

De lijst van dingen die niet zullen veranderen

Rebecca Stead

Dier vrienden. Een boek vol beestige duo's

Coco & June

Het geheim van de tuin

Jan Paul Schutten, Joris Bijdendijk, Floor Rieder (ill.)

Over het werk van Joukje Akveld

Speels, scherpzinnig en met heldere inzichten

Stilte heeft een eigen stem

Ruta Sepetys

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri