Peuters en kleuters

JEUGDBOEKEN NR. 1, JANUARI 2016

Tjibbe Veldkamp, Kees de Boer: Apenkolder

door Jürgen Peeters

3+ - Apenkolder bevat twee eerder verschenen prentenboeken van het duo Tjibbe Veldkamp en Kees de Boer, m.n. Na-apers! (2006) en Kleine Aap’s grote plascircus (2005). Beide verhalen worden gekenmerkt door een eenvoudig, rechtlijnig verhaalverloop. In Na-apers! haalt Jaap dagelijks zogenaamd dolkomische fratsen uit met de nieuwe buren: van goochelen met borden en surfen op de dakpannen tot plezier maken met de broodrooster. De dynamische illustraties tonen Jaap in gezelschap van een familie apen en weten de avonturen sterker te verbeelden dan de wat magere, louter descriptieve tekst.
 
Katalysator vormt de uitnodiging van Jaaps ouders, die de nieuwe buren graag beter leren kennen. Ondanks Jaaps spoedcursus ‘op visite gaan’, weten de apen zich nauwelijks te gedragen en schudden ze wild met de koffie, in plaats van de handen. Aanvankelijk weten de stijf-deftige volwassenen niet wat hen overkomt, tot zij hun beestige buren ‘na-apen’. Natuurlijk staan op dat moment de oppassers van de dierentuin voor de deur, wat tot voorspelbare misverstanden leidt. Het einde wordt snel afgeraffeld en voegt weinig aan het verhaal toe.
 
In Kleine Aap’s grote plascircus blijkt het hoofdthema al meteen uit de titel. Veldkamp en De Boer proberen wel erg makkelijk aansluiting te vinden bij de doelgroep: ‘Kleine Aap had een piemeltje. Hij liet het zien aan Apelien. “Ik kan heel goed plassen,” zei hij. “Ik denk dat ik een circus begin.”’ Vervolgens voert Kleine Aap al plassende steeds nieuwe kunstjes op, tot groot gelijk van het aanwezige publiek. Apelien zou graag meedoen met zoveel kolder, maar zij mag slechts de rol van assistente vervullen, aangezien ze ‘geen piemeltje’ geeft. Toch blijkt ook zij tot grootse prestatie in staat…
 
Veldkamps verhalen blijven aan de oppervlakte. Qua thematiek mikt hij met verhalen over plassen en zogenaamd wilde avonturen wel erg sterk op herkenbaarheid bij een de doelgroep. Hij beperkt zich tot een eenvoudige verhaallijn, die hij met enkele zogenaamd onverwachte wendingen verrijkt. Die onevenwichtige opbouw stoort, net zoals de simplistische observaties, in een stuntelig Nederlands gevat. Daarmee rijst de vraag of de tekst niet beter in z’n geheel was weggelaten. De illustraties van Kees de Boer zijn immers de ware blikvangers, die ook letterlijk het grootste gedeelte van de pagina’s in beslag nemen. Ze dragen het verhaal sterker en vooral de humoristische streken van Jaap en de apenfamilie komen goed tot hun recht. Maar echt goed kun je ook dit illustratiewerk niet noemen. Het blijft middelmatig en weinig uitnodigend met een flets kleurpallet en een gebrek aan afwisseling.
 
Dat twee inhoudelijk en vormelijk verwaarloosbare verhaaltjes een tweede leven krijgen in een verzamelbundel hoeft niet te verwonderen. Omwille van de onderwerpen (waaghalzerij, plassen) zullen ze heel wat kinderen wel aanspreken. Meer dan gemakkelijk effectbejag is het echter niet.
 
Tielt : Lannoo 2015, [56] p. : ill. ISBN 9789401429559
    

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 1, JANUARI 2020

De hemel boven Lima

Juan Gómez Bárcena

Fantastische nacht en andere verhalen

Stefan Zweig

Houthakken

Thomas Bernhard

Toch. Nagelaten werk

Armando

Waagstukken

Charlotte Van den Broek

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 1, JANUARI 2020

ABZzz... Een slaapverwekkend alfabet

Isabel Minhós Martins, Yara Kono (ill.)

Aladdin

Sjoerd Kuyper (bew.), Sylvia Weve e.a. (ill.)

Het vuur in mij

Erin Stewart

Meisjes en kunst. De 50 meest vernieuwende vrouwelijke kunstenaars wereldwijd

Rachel Ignotofsky

Niemand ziet het

Dolf Verroen, Charlotte Dematons (ill.)

naar overzicht


‚Äč
ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri