Poëzie

BOEKEN NR. 11, DECEMBER 2020

René Broens (vert.): Reynaert de vos

door Lisanne Vroomen

De middeleeuwse tekst Van den vos Reynaerde spreekt al eeuwen tot de verbeelding. Sinds de tekst in het Comburgse handschrift werd herontdekt in 1805, is er een reeks aan bewerkingen op gang gekomen. Inmiddels tellen we meer dan 250 verschillende bewerkingen en vertalingen, exclusief tekstedities.   

Elk van die bewerkingen of vertalingen gaat een dialoog aan met de brontekst, maar ook met de eigen tijd. Zelfs een vertaling die als doel heeft de bron zo getrouw mogelijk te vertalen, weerspiegelt nog altijd moderne interpretaties. Dat blijkt sterk uit de Reynaert-vertalingen van René Broens. In 2010 maakte hij een strikt jambische vertaling van Van den vos Reynaerde, uitgegeven als een stripverhaal met beeldmateriaal van Marc Legendre. Hij presenteert Reynaert in het nawoord als een antichrist en dat blijkt ook sterk uit de afbeeldingen, waar de vos alles behalve lief en schattig is – cf. daarvoor mijn analyse van het boek in het jaarboek van het Reynaertgenootschap Tiecelijn.
 
In zijn nieuwe vertaling is Broens weer tot andere inzichten gekomen. Nu is de vos een trickster, of goddelijke bedrieger en dienen we de tekst volgens het nawoord eerder als humoristisch dan als moralistisch te beschouwen. Broens spreekt in dit opzicht van een speelse amoraliteit waarbij de oorspronkelijke auteur de hoofdrolspelers opvoert als bijna-mensen, maar vervolgens een lange neus maakt ‘door de hoofdrolspelers plotseling terug naar de dierenwereld te verschuiven en zo de morele vragen van morele verantwoordelijkheid en schuld achter zich te laten.’
 
Naar mijn mening had Broens het qua tekstuele interpretatie hierbij moeten laten. Maar hij gaat een stap verder door ook te beweren dat Van den vos Reynaerde een humoristisch spel speelt met het Johannesevangelie én een satire is gericht op dertiende-eeuwse personen en gebeurtenissen. Deze opvattingen passen naar mijn idee beter in wetenschappelijk werk, waar ze uitgebreider beargumenteerd kunnen worden en dus ook beter en overtuigender tot hun recht kunnen komen.
 
Daarnaast kan ik deze interpretatie ook niet direct rijmen met het idee van Reynaert als trickster. Als Van den vos Reynaerde een parodie is op het Johannesevangelie wordt Reynaert een omgekeerde Jezus, een opvatting die juist beter strookt met de antichristvisie uit Broens’ eerdere bewerking dan met het idee van een humoristische trickster.
 
Laten we overschakelen naar de vertaling zelf. Deze is geschreven in los jambische verzen, een keuze die Broens de mogelijkheid geeft om dicht bij de brontekst te blijven. Dat blijkt duidelijk als we de vertaling van Broens naast zijn eerdere werk en de vertaling van Karel Eykman: Reinaert de vos (Prometheus 2008) leggen. Door de losse jamben heeft Broens meer vrijheid in de structuur, waardoor hij minder aanpassingen in de inhoud hoeft te maken. Nadeel van de keuze is wel dat de tekst daardoor soms minder lekker loopt. Vergelijk bijvoorbeeld deze vier passages, waarbij ik Broens 2010 het beste resultaat vind.
 
Van den vos Reynaerde: Nu leghet Coppe onder mouden
Broens 2020: Nu ligt Coppe onder de zoden
Broens 2010: Coppe ligt nu onder de zoden
Eykman: En zo lag Coppe onder de zoden
 
Van den vos Reynaerde: Die coninc sprac tsinen houden
Broens 2020: De koning heeft hen daarop ontboden
Broens 2010: De koning heeft daarop ontboden
Eykman: De koning heeft toen zijn raadsheren geboden
 
Van den vos Reynaerde: Datsi hem alle bespraken
Broens 2020: Zijn raadslieden, om te bespreken
Broens 2010: Zijn raadslieden om te bespreken
Eykman: Om met elkaar te gaan bespreken
 
Van den vos Reynaerde: Hoe si alre beste ghewraken
Broens 2020: Hoe zij zich het beste konden wreken
Broens 2010: Hoe zij het beste konden wreken
Eykman: Hoe dit het beste te kunnen wreken
 
Van den vos Reynaerde: Dese groete overdade.
Broens 2020: Op Reynaert voor dat grote kwaad
Broens 2010: Deze buitensporige daad
Eykman: Deze misdaad, die was begaan.  
 
Door de keuze om dicht bij de brontekst te blijven is de vertaling ook niet laagdrempelig. We hebben hier geen voetnoten met uitleg zoals bij een editie, maar Broens neemt ook niet de vrijheid die andere vertalers wel hebben genomen, om de tekst toegankelijker te maken. Dat roept de vraag op voor welk publiek deze nieuwe vertaling bedoeld is.
 
Dat de tekst over het algemeen dicht tegen het origineel aanzit, wil echter niet zeggen dat dit altijd gevolgd wordt. Neem bijvoorbeeld de toevoeging ‘zoals de Bijbel het bericht’ na de zin ‘de boosdoener schuwt het licht.’ Ter info: het gaat hier om de reden waarom Reynaert niet op komt dagen bij de hofdag van de koning. Deze toevoeging zorgt voor eenheid, aangezien hij aansluit bij de interpretatie uit het nawoord: namelijk dat de tekst een humoristisch spel speelt met andere teksten, waaronder het Johannesevangelie.
 
Over het algemeen ben ik een fan van bewerkingen en vertalingen waarin één idee uitgewerkt wordt. Dit zorgt namelijk voor meer congruentie en vandaar ook mijn enthousiasme voor Broens’ stripbewerking uit 2010. Maar zien we de bewerking als een weergave van het origineel, dan loert bij het op één lijn plaatsen van vertaling en interpretatie ook het gevaar van de cirkelredenering. De vertaling wordt immers gemaakt met de interpretatie al in het achterhoofd, wat zal leiden tot keuzes in de vertaling die de interpretatie juist versterken. En omdat deze vertaling minder speels is dan de eerdere stripbewerking uit 2010, ben ik bang dat ze eerder gezien zal worden als een weergave van het origineel en dat dit gevaar hier dus sterker loert.'
 
Broens’ nieuwe Reynaert de vos is een interessante toevoeging aan het Reynaertlandschap, maar ik kan er helaas niet zo enthousiast over zijn als over zijn eerdere bewerking.
 
Bronnen
Karel Eykman (vert.), Sylvia Weve (ill.): Reinaert de Vos (Prometeus 2008)
Marc Legendre (ill.), René Broens: Reynaert de vos (Atlas 2010)
Janssens, J. e.a. Van den vos Reynaerde: Het Comburgse handschrift (Davidsfonds 1991)
Vroomen, L.: ‘Een oude vos is kwaad te vangen: Een analyse van de stripbewerking Reynaert de vos van Broens en Legendre.’ In: Tiecelijn: Jaarboek 7 van het Reynaertgenootschap 27 (2014), p. 127-149
 
René Broens (vert.): Reynaert de vos, Voetnoot, Amsterdam 2020, 202 p. : ill. ISBN 9789491738678. Distributie EPO
 

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 5, MEI 2021

De gast uit het Rifgebergte

Khalid Mourigh

De hemelproef

Olli Jalonen

Dingen die je meeneemt op reis

Aroa Moreno Durán

Kraaien in het paradijs

Ellen de Bruin

Oude afdekkerij

Wolfgang Hilbig

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 5, MEI 2021

De eik was hier

Bibi Dumon Tak, Marije Tolman (ill.)

Fruitvliegje

Geert Vervaeke

Misschien…

Chris Haughton

Noem me Nathan

Catherine Castro, Quentin Zuttion (ill.)

Witje

Paul de Moor, Kaatje Vermeire (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri