Non-fictie

BOEKEN NR. 1, JANUARI 2021

Amin Maalouf: Schipbreuk der beschavingen

door Jan Baes

'Ik ben altijd enorm gehecht geweest aan de beschaving van mijn voorouders en ik heb gehoopt op de wedergeboorte, de bloei, de uitwaaiering ervan, erop gehoopt dat ze haar uitstraling, haar grandeur, haar vernuft zou terugvinden om de hele mensheid eens te meer versteld te doen staan. Nooit had ik gedacht dat het in mijn levensavond zover zou komen dat ik haar reisweg zou beschrijven met woorden als ontreddering, verslagenheid, stuurloosheid, rampspoed, aftakeling, schipbreuk, teloorgang.'   

Met deze woorden beschrijft de Frans-Libanese auteur Amin Maalouf in een essay de weg naar zelfdestructie die hij, niet alleen in het Midden-Oosten maar overal meent te ontwaren. Afkomstig uit een christelijke familie die, zowel in Caïro als in Beiroet, generaties lang deel uitmaakte van een kosmopolitische en liberale samenleving, waarin minderheden geaccepteerd werden als volwaardige burgers. heeft hij de onttakeling meegemaakt die steeds dwingender richting Schipbreuk der beschavingen lijkt te leiden
 
In deze eeuw 'gekenmerkt door vergankelijke werelden en stervende beschavingen', lijkt het er steeds meer op, aldus Maalouf, dat we als op een nieuwe Titanic regelrecht koers zetten naar de ondergang. Op vele vlakken is een pervers raderwerk aan gang gezet dat niet meer te stoppen lijkt, ook al omdat in deze tijden van groeiend nationalisme en groepsegoïsme, dictators en populisten allerhande er niet voor terugschrikken kwetsbare democratische processen te verhinderen of onderuit te halen.
 
Om te beginnen in het Midden-Oosten dat meer dan welke andere entiteit een schoolvoorbeeld is van de wijze waarop interne ontwikkelingen op ideologisch, etnisch en religieus vlak, versterkt door neo-koloniale bemoeienissen en geopolitieke belangen, een regio totaal in de vernieling heeft gewerkt. Hij wijst op de verpletterende verantwoordelijkheid van enkelingen in die teloorgang en stelt voor in een nog op te richten museum gewijd aan de wereldgeschiedenis ruimte te scheppen voor een 'Pantheon van Janus' waarin figuren als Nasser en Churchill (naast talrijke anderen) hun plek zouden vinden. Grote persoonlijkheden die naast hun onmiskenbare prestaties ook rampzalige beslissingen namen en de wereldgeschiedenis, als in de bekende processie van Echternach, na een stap vooruit, opnieuw passen achteruit deden maken.
 
Nasser bijvoorbeeld, 'de laatste reus in de Arabische wereld' die in de tijd van de bevrijdingsbewegingen, het zelfbeschikkingsrecht en de strijd tegen kolonialisme en imperialisme, de volken van de Oriënt tijdelijk hun trots weergaf. De nationalisering van het Suez-kanaal bezorgde hem politieke vleugels die hij jammer genoeg met een intolerant en autoritair regime vorm zou geven. Het desastreuze besluit om in juni 1967, onder druk van het opkomende islamisme, samen met alle Arabische staten ten strijde te trekken tegen Israël, leidde tot de Zesdaagse Oorlog en de totale vernedering. Het stortte de Arabische wereld in vertwijfeling en vernietigde meteen iedere panarabische illusie. Zijn nationalistische demagogie maakte hem 'ontegenzeggelijk tot een van de doodgravers van de Levant'. En was er bovendien de oorzaak van dat het islamisme stilaan de heersende ideologie zou worden.
 
Maar ook Churchill, wiens persoonlijkheid in de strijd tegen het nazisme doorslaggevend was, is zo'n janusfiguur zeker nadat hij zich, door zijn optreden in de Arabisch-mohamedaanse wereld, alles behalve vooruitziend toonde. Zijn rol in de Suez-kwestie, om samen met Frankrijk hun tanende wereldrijken te redden, was desastreus en voedde juist de opkomende nationalistische tendenzen. Later zou hij in Iran de hervormingsgezinde democraat Mossadeq met behulp van de Verenigde Staten na een staatsgreep ten val brengen met de gekende gevolgen. Het aandeel van zowel Nasser als Churchill in het onstaan van de 'autoritaire en xenofobe versie van het Arabische nationalisme' en van 'het islamisme à la Khomeini' is zoals nu blijkt verpletterend geweest.
 
De Zesdaagse Oorlog is, volgens Maalouf, overigens ook voor Israël desastreus geweest. Want niet enkel in de Arabische wereld, ook in de Joodse geesten is als gevolg ervan 'een hardnekkige existentiële twijfel geslopen'. Vooral de extreem korte duur van de strijd heeft het onderlinge respect, nodig om tot 'een billijk, vrijwillig overeengekomen en bestendig compromis' te komen, volledig ondermijnd. Het 'vredeskamp' in Israël verschrompelde en de beslissing om, met het oog op de veiligheid, bezette gebieden te koloniseren, hypothekeert vandaag elke mogelijke oplossing en dat niet alleen voor het Palestijns-Israëlisch conflict maar voor heel het Midden-Oosten.
 
De neiging tot verovering, versplintering en afsplitsing, 'in een sfeer van geweld en bitterheid', heeft de Arabisch-islamitische wereld sindsdien helemaal in haar ban gekregen, maar tastte langzamerhand ook de rest van de wereld aan. De neo-liberale greep op het markt, de groeiende ongelijkheid, de intolerantie en het oplaaiende identiteitsdenken maken het moeilijker en moeilijker om de grote crises die ons bedreigen gezamenlijk en efficiënt aan te pakken.
 
Met lede ogen ziet Maalouf dat, zowel de Verenigde Staten als Europa hun taak, om een rechtvaardiger en democratischer wereldorde te creëren, uit handen hebben geven en blijkbaar niet meer in staat zijn om deze mondiale 'ouderrol', zoals hij dat noemt, te vervullen. Een teken aan de wand, want we lijken te vergeten dat 'de Europese beschaving [...] voor de hele wereld de referentie is geworden. [...] En niemand kan ontkennen dat die beschaving vandaag de standaard is waarnaar we ons allemaal hebben te voegen'. Dat alles dreigt in duigen te vallen nu niemand nog greep krijgt op de politieke en sociale ontwikkelingen, vooral nu ook nog een majeure klimatologische ramp op ons afstevent.
 
Dat Maalouf de zaken ernstig neemt blijkt uit het feit dat dit al zijn derde essay is - na Les identités meurtrières (1998) en Le dérèglement du monde (2009) - waarin hij zijn diepe teleurstelling uitspreekt over de gedachte dat de mens blijkbaar niet in staat is tot samenleven, noch bereid is verschillen te overstijgen. Een stelling die, op basis van de aangebrachte argumenten, misschien  te pessimistisch is, maar die in ieder geval indruk maakt door de persoonlijke betrokkenheid en de emotionele kracht waarmee ze wordt naar voren gebracht.  
 
Amin Maalouf: Schipbreuk der beschavingen, Antwerpen, Davidsfonds 2020, 272 p. ISBN 9789002269226. Vertaling van Le naufrage des civilisations door Hans E. van Riemsdijk. Distributie Standaard Uitgeverij 

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 4, APRIL 2021

BOEM Paukeslag / Besmette stad

Matthijs de Ridder

De schuilplek

Egon Hostovsky

Een waarschijnlijk toeval

Max Greyson

Shuggie Bain

Douglas Stuart

Vaarwel. Achtergelaten gedichten

Lucebert, Graa Boomsma (sam.)

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 4, APRIL 2021

De nieuwe jongen

David Almond, Marta Altés (ill)

Een mama is als een huis

Aurore Petit

Het hart van het meisje

Siska Goeminne, Tim Van den Abeele (ill.)

Hier zijn draken

Yorick Goldewijk, Yvonne Lacet (ill.)

Zoeken naar Esther B. en het voorval met Benito

Do van Ranst

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri