Vertaald proza

BOEKEN NR. 7, SEPTEMBER 2022

Mustafa Khalifa: De schelp. Memoires van een gevangene

door Eleonore Milbou

De schelp is een fictiewerk. Het is duidelijk belangrijk dat elke lezer zich daarvan bewust is. De boodschap prijkt op de cover van deze mooie uitgave, een verhaal in een vertaling van de virtuoze Djûke Poppinga, naast de ondertitel: ‘roman’.  

Wie de korte biografie van de auteur op de binnenflap leest, begrijpt meteen dat er meer aan de hand is. Net zoals hoofdpersonage en verteller Moesa is de auteur een in Parijs opgeleide Syriër. Allebei zijn ze door het regime van de Syrische president Assad gearresteerd op de luchthaven van Damascus en jarenlang aan hun lot overgelaten in Tadmur, een gevangenis in de woestijn rond Palmyra die in 2015 door IS werd vernield.
 
Wat Moesa na zijn arrestatie overkomt, ligt niet ver van de geleefde ervaring van honderden Syriërs die ervan verdacht werden anti-Assad of moslimbroeder te zijn. Moesa wordt gemarteld om hem tot bekentenissen te dwingen, maar hij heeft niets om te bekennen. Moesa is geen moslim, maar een atheïst - wat hem zo mogelijk nog duurder komt te staan. In de barak van de woestijngevangenis die twaalf jaar lang zijn thuis zal zijn, is hij een paria. Niemand spreekt met hem, zodat hij zelf het spreken opgeeft. Hij trekt zich verder en verder terug in zichzelf:  
 
‘Als een schildpad die gevaar ruikt, kruip ik weg in mijn schulp. Glurend, spiedend, observerend, registrerend en wachtend op verlichting.’
 
Die verlichting komt er in de volgende tweehonderd bladzijden niet. De pagina’s van de roman smelten samen zoals de dagen in de woestijngevangenis. Elke dag lijkt op de vorige, jaar na jaar. Zelfs het tomeloze geweld wordt monotoon. Martelingen, terechtstellingen, machtsmisbruik, onmenselijke medische en hygiënische situaties, je wordt er als lezer tegen gehard. Je voelt het niet meer.
 
Daar schuilt meteen de grootste aanklacht van De schelp. Ook als lezer ben je een gluurder, beschermd door een stugge kokon van ingebeelde veiligheid.
Wie af en toe het nieuws volgt, wéét dat er gruwel is in de wereld. We weten dat zich in Syrië een humanitaire ramp afgespeeld heeft en blijft afspelen. We zien en horen berichten over ondenkbare wreedheden. En slaan die kennis ergens op, zonder er verder nog naar om te kijken. Die cognitieve dissonantie ervaart Moesa zelf ook: ‘Geluiden van martelingen, kreten, uitroepen van menselijke pijn. Mannen, vrouwen en zelfs kinderen. Pogingen om het allemaal te negeren. Gewetenswroeging omdat ik probeerde te doen alsof het er niet was. Negeren betekende dat je je overgaf aan apathie, aan onverschilligheid.’
 
Moesa doorbreekt zijn beschermende schelp maar één keer. Wanneer een nieuwkomer, Aboe Ka’kaa’, onrust stookt in de barak en zijn medegevangen opstookt tegen de enige niet-moslim in de barak, vertelt Moesa zijn verhaal. Het resultaat is dat hij voor het eerst in al zijn jaren in de woestijngevangenis een vriend maakt, dokter Nasiem. Hun intense vriendschap houdt Moesa overeind in zijn laatste jaren in de gevangenis, tot hij abrupt weggevoerd wordt naar Damascus. Zijn oom blijkt tijdens zijn afwezigheid een belangrijke politieke functie te hebben gekregen en kan uiteindelijk zijn vrijheid afdwingen.
 
Maar ook nu komt er geen verlichting. Bij zijn terugkeer naar het vrije leven merkt Moesa dat hij zijn schelp heeft meegenomen. Meer zelfs: ze is nog dikker en donkerder geworden. Zijn ervaring vervreemdt hem van zijn familie en vrienden. Zelfs de zelfmoord van zijn oude vriend, dokter Nasiem, kan hem niet meer raken. Hij blijft een gluurder, een machteloze, onverschillige toeschouwer.
 
In dat opzicht heeft de auteur een streep voor op zijn personage. Mustafa Khalifa heeft wél een stem, en gebruikt die om met fictie zijn eigen schelp te doorbreken. Met deze roman dwingt hij zijn lezers om hun eigen schelp te onderzoeken. Het ongemak, de schaamte en de wroeging komen vanzelf. Mustafa Khalifa laat ons niet wegkijken. Het internationale succes van dit werk wijst erop dat hij in zijn opzet slaagt.
 
Mustafa Khalifa: De schelp. Memoires van een gevangene, Jurgen Maas, Amsterdam 2022, 310 p. ISBN 9789083210803. Vertaling van Al-Kauka door Djûke Poppinga. Distributie EPO

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 7, SEPTEMBER 2022

Achter de slaperdijk

Martha Heesen

De rozentuin

Maeve Brennan

Krop : want er is tussen ons iets enorms aan de gang

Anne Provoost

Scheiden

Susan Taubes

Weerlicht

Jante Wortel

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 7, SEPTEMBER 2022

Aicha en de verloren taal

Fikry El Azzouzi, Trui Chielens (ill.)

Alma; Van Honduras naar de Verenigde Staten, 2500 kilometer op de vlucht

Sander Meij

Bliksemkind

Hans Hagen, Martijn van der Linden (ill.)

De dag dat Oorlog naar Rondo kwam

Andriy Lesiv, Romana Romanyshyn

Onheilsdochter

Jean-Claude van Rijckeghem

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri