Nederlands proza

BOEKEN NR. 9, NOVEMBER 2022

Jeroen Olyslaegers: Willem en mijn wellust

door Jooris van Hulle

Eind 2021 publiceerde Jeroen Olyslaegers op vraag van Confituur, het verbond van onafhankelijke boekhandels, Willem. Toen De Bezige Bij bij hem aanklopte om de novelle opnieuw uit te geven, zette de auteur zich aan het werk om het boek te herwerken. Willem en mijn wellust herneemt grotendeels het verhaal uit de oorspronkelijke novelle, met dien verstande dat de invalshoek gewijzigd wordt.  

Willem
gaat over de diefstal die Hippolyte van Damme, die als feuilletonist voor verschillende dagbladen aan de kost komt, pleegde toen hij in 1885 brieven van de zestiende-eeuwse drukker Willem Silvius vond in een boek dat hij antiquarisch had aangekocht. Op zijn sterfbed – we schrijven 1910 – doet hij het relaas van de diefstal en zijn achterliggende intenties. In zijn brieven richtte Silvius zich vanuit de gevangenis tot zijn echtgenote, met de dringende vraag hem vrij te kopen, ook al moest zij daartoe de vernederende tocht naar collega-drukker en grote rivaal Plantijn ondernemen om diens hulp in te roepen. Wie Wildevrouw heeft gelezen, zal direct opmerken dat Olyslaegers de lijn van zijn roman over het zestiende-eeuwse Antwerpen doortrekt en meteen al suggereert waar het om te doen is als hij zijn verhaal nu projecteert in de negentiende eeuw: hoe geheime genootschappen altijd al een bepalende rol hebben gespeeld binnen de context van een snel veranderende samenleving.
 
Willem en mijn wellust focust op een eerste verhaalniveau op de idee van diefstal. ‘Er bestaan twee soorten dieven’ luidt het in de aanvangszin. ‘Er zijn er die zo snel mogelijk hun gestolen goed te gelde willen maken. […] Net zo goed bestaan er dieven die nooit meer van hun buit gescheiden willen worden. Hun gaat het niet om de daad van het stelen, maar eerder om de droom van het mogelijke bezit die hen van het ene op het andere moment in lichterlaaie kan zetten. ‘ De brandende wellust van het bezit, het thema dat ook nog op de openingspagina’s door Olyslaegers gelinkt wordt aan de liefde: ‘Het was een vrouw die ik als eerste in vertrouwen nam over mijn diefstal en dat is me slecht bekomen. Haar naam was Amandine.’
 
Zo wordt duidelijk dat Willem en mijn wellust veel dieper ingaat op de idee van diefstal en alles wat ermee te maken heeft. De bedenkingen, noem het de gewetensvragen waarmee Hippolyte aan het eind van zijn leven worstelt, leggen de parallellie bloot met wat Silvius pakweg drie eeuwen voordien ertoe heeft bewogen een kostbaar boek te ontvreemden uit de abdij van Hemiksem op het moment dat die door de beeldenstormers wordt aangepakt. Het is Amandine die Hippolyte erop wijst wat hier moet hebben meegespeeld: ‘Hij stal uit lust. ][… Hij begeerde die boeken van zijn vriend de abt van bij het begin. Dat wordt toch duidelijk?’ De dief kortom die zoals reeds aangegeven in het openingsdeel van de novelle, ‘nooit meer van zijn buit gescheiden wil worden.’
 
De idee van (materieel) bezit wordt in Willem en mijn wellust geëxpliciteerd door die ook toe te passen op de liefde. Hippolyte meent troost en soelaas te vinden bij zijn geliefde Amandine, terwijl hij er anderzijds van uit gaat dat zijn vrouw hem binnen het huwelijk dat ze zijn aangegaan, blijft toebehoren. Tot op welke hoogte – dit lijkt me de vraag die Olyslaegers de lezer aanreikt – kan en mag binnen het kader van een relatie gesproken en gedacht worden in termen van bezit? Heel betekenisvol is de vraag die Hippolyte zich aan het slot stelt: ‘Had het anders gekund? Zo bleef ik laveren tussen verlangen dat veel te laat liefde wenste worden, en afgestrafte liefde die geen verlangen meer kon zijn, maar zelfkastijding, kortom: tussen verlangen naar bezit en bezeten worden.’ Of: de illusie van bezit...
 
Willem en mijn wellust wekt bijzonder grote verwachtingen in verband met weer een nieuwe roman van Jeroen Olyslaegers en waar de negentiende eeuw wel eens het verhaalkader zou kunnen vormen.
 
Jeroen Olyslaegers: Willem en mijn wellust, Amsterdam, De Bezige Bij 2022, 94 p. ISBN 9789403180618. Distributie Standaard Uitgeverij

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 9, NOVEMBER 2022

De blauwe schuit

Shūgorō Yamamoto

Het lied van ooievaar en dromedaris

Anjet Daanje

Ogentroost

A.H.J. Dautzenberg

Voor wie de tijd verstrijkt

Miriam Van hee

Weerspiegeld in een waterglas

Annette Portegies

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 9, NOVEMBER 2022

Achter de bomen stond een leeuw

Daan Remmerts de Vries

De Pinguïnsint en andere dierenklazen

Edward van de Vendel, Saskia Halfmouw (ill.)

Het levende hoofd

Els Pelgrom, Sylvia Weve (ill.)

Ik ben hier!

Joke van Leeuwen

Wolvenweer

Simon van der Geest, Karst-Janneke Rogaar (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri