Vertaald proza

BOEKEN NR. 9, NOVEMBER 2022

Hila Blum: Hoe je van je dochter moet houden

door Ludo Abicht

In 2014 schreef ik over Hila Blums eerste, internationaal succesrijke roman Het bezoek: ‘En ze slaagt er ondanks al haar goede wil niet in een redelijke verhouding tot stand brengen met haar vroegrijpe, wijsneuzige en bij tijden ronduit vijandige stiefdochter Dida.’  

Daar gaan we weer, dacht ik, toen ik naar goede gewoonte eerst de zorgvuldig opgestelde werftekst op de omslag van deze tweede roman las. En de eerste honderd bladzijden bevestigden dat vermoeden: een getalenteerde en overbezorgde Israëlische moeder, bijna het prototype van de Amerikaanse ‘helicopter parent’ of ‘supermom’, hecht zich zo totaal en gedreven, zeg maar beklijvend, aan haar dochter dat je als lezer weet dat dit niet goed zal aflopen. Terwijl de vader, de een tikkeltje te karikaturaal geschetste minzame wetenschapper, altijd het voorbeeld van redelijkheid en gezond verstand, een beetje buiten die moeder-dochter relatie leeft en werkt, blijf je voor het welzijn van moeder en kind maar tevergeefs hopen dat ze haar dochter langzamerhand zal loslaten.
 
Maar juist dat gebeurt niet: op een dag verdwijnt de achttienjarige dochter zonder uitleg, om niet meer uit het buitenland terug te keren. Ze stuurt fictieve ansichtkaarten uit exotische streken en laat af en toe een toevallige bekende bij zijn terugkeer naar Israël een boodschap brengen ‘dat ze het ginder in de bergen goed stelt’, iets wat de moeder niet meteen geruststelt. Het is duidelijk dat het meisje verder geen contact met haar altijd al dominerende moeder wilde, ook niet wanneer ze ergens in Groningen blijkt te wonen met twee kinderen, van wie de moeder het bestaan niet eens afweet. En juist die lange, voor de moeder ondraaglijke afwezigheid, maakt het einde van deze spannend geschreven roman enigszins ongeloofwaardig: na de veel te vroege dood van de vader, met wie ze een veel normalere relatie had dan met haar moeder, en nadat ze ontdekt had dat haar Nederlandse man haar bedroog, keert ze naar Israël terug:
 
‘En dan ga ik in de huiskamer zitten en wacht af totdat het huis zich om mij heen plooit. Ik hoor een hond blaffen en een airco brommen. Ik hoor een stofzuiger. Water druppelen. Het gezoem van tl-buizen. Maar waar is dat allemaal? ’s Nachts als Aart hier bij mij slaapt, kan ik de geluiden heel goed thuisbrengen. Door het raam hoor ik een vader op straat zijn dochter vragen: ‘Leg me uit waarom je huilt. Waarom? Waarom huil je?’ Hij geeft haar geen gelegenheid om te antwoorden. Elk toevallig gesprek van mensen die langs het huis lopen is meer informatie dan waarin ik geïnteresseerd ben. Ondanks de hitte sta ik op en doe de ramen dicht.’
 
Wat zij niet weet, maar de lezer wél, is dat de anonieme brief met het bericht over die echtelijke ontrouw in feite van haar moeder kwam. Het boek eindigt dus gelukkig niet in een tranenrijke verzoening en een nieuw begin met de kleindochters, maar in de oncomfortabele en onbevredigende meerduidigheid die uit de geciteerde passage blijkt. De moeder heeft, zoals de titel aangeeft, haar dochter bemind zoals ze meende dat ze van haar moest houden, maar de onzekerheid en twijfels blijven bestaan.
 
Waar geen enkele twijfel over bestaat, al niet sinds de publicatie van haar eerste roman, is Hila Blums talent om deze onzekerheid geloofwaardig en indringend te verwoorden, zoals een paar citaten onder de vele illustreren:
 
 
Wanneer Lea voor het eerst een bril moet dragen:
 
‘“Een feestje is een feestje,” zei Lea met de volharding van een bijziend kind en ik begreep hoe zij eruit zou zien als ze dat zou zeggen met haar bril voor haar ogen. Ze was niet eens zeven. Ik glimlachte naar haar. Het was verwarrend, alles wat ik zei of deed voor haar bevatte een zekere mate van bedrog.’
 
Op bezoek bij een vriendinnetje van Lea:
 
‘Anders dan de voorafgaande jaren, waarin ik de moeders van alle vriendinnetjes van mijn dochter kende, waren ze nu al dochters van een eeuwig heden en verbeeldden ze zich dat ze uit het niets waren geschapen, dat ze zichzelf hadden verwekt. Ze kwamen en gingen alleen, losten hun zaken met elkaar op, nog steeds kinderen, maar hun schaduw behoorde al toe aan de vrouwen die ze zouden worden.’
 
Hetzelfde thema komt terug aan het eind van de roman:
 
‘“Wat is er mis?” vraag ik. “Heb ik te veel gepraat? Heb ik te snel geademd?”
“Hou op, mama, je lijkt wel een klein kind.”
Ze is op een leeftijd gekomen waarop ze alles alleen uitvindt, ook het volwassen worden.’
 
Hila Blum: Hoe je van je dochter moet houden, De Bezige Bij, Amsterdam 2022, 267 p., ISBN 9789403166711. Vertaling van Ech leëhov et bitcha door Hilde Pach. Distributie Standaard Uitgeverij

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 9, NOVEMBER 2022

De blauwe schuit

Shūgorō Yamamoto

Het lied van ooievaar en dromedaris

Anjet Daanje

Ogentroost

A.H.J. Dautzenberg

Voor wie de tijd verstrijkt

Miriam Van hee

Weerspiegeld in een waterglas

Annette Portegies

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 9, NOVEMBER 2022

Achter de bomen stond een leeuw

Daan Remmerts de Vries

De Pinguïnsint en andere dierenklazen

Edward van de Vendel, Saskia Halfmouw (ill.)

Het levende hoofd

Els Pelgrom, Sylvia Weve (ill.)

Ik ben hier!

Joke van Leeuwen

Wolvenweer

Simon van der Geest, Karst-Janneke Rogaar (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri