Peuters en kleuters

JEUGDBOEKEN NR. 9, NOVEMBER 2021

Yvonne Jagtenberg: Ik ben Pippi niet!

door Katrien Maris

4+ - Meisje de Geit heeft een vacht vol sproeten en twee knaloranje vlechten. Ze zwiert aan één poot door de takken van de bomen, tilt zonder enige moeite een paard op en speelt trompet als de beste. Héél speciaal voelt ze zich. Maar dan zegt haar tante wat elke oplettende lezer natuurlijk al lang door had: ‘je lijkt op iemand.’ Geschrokken rent Meisje naar haar moeder. Die legt haar uit dat ze haar sproeten waarschijnlijk van papa heeft geërfd, haar prachtige oranje haren van oma en haar dapperheid van tante. Dat zet Meisje aan het denken. Maar het kon natuurlijk niet uitblijven. Op de eerste schooldag roept een jongen ‘Hé, Pippi!’ naar Meisje en ze raakt totaal overstuur. Haar juf vindt precies de goede woorden: ‘Misschien lijk je wel een beetje op haar, maar jij bent uniek. Van jou is er maar één!’ Stilaan begint Meisje te begrijpen dat iedereen bijzonder is, op zijn eigen manier.  

De zoektocht naar je ware identiteit, wie ben jij nu eigenlijk echt, is voor velen onder ons een levenslange zoektocht die al vroeg in de kindertijd begint. Op een originele manier toont Yvonne Jagtenberg dat op iemand lijken iets totaal anders betekent dan volledig samenvallen met die persoon. Het is boeiend om je uiterlijke kenmerken en karaktertrekken terug te zien in je familiestamboom. Veel kinderen houden ervan om hierin te grasduinen en zichzelf zo in een groter geheel te kunnen plaatsen. En natuurlijk zijn er ook heel wat gelijkenissen te vinden met anderen die geen familie zijn. Maar de grote sterkte van dit verhaal is de warme oproep om altijd te blijven zoeken naar die speciale stukjes die jou uniek maken. En nog harder te zoeken, wanneer je door de bomen het bos even niet meer kan zien.
 
De illustraties van Jagtenberg werden al meermaals bekroond. Hondje de enige echte (Rubinstein 2015) won een Zilveren Penseel in 2016. In 2019 kreeg ze het gouden Penseel voor Mijn wonderlijke oom (Rubinstein) en in 2020 voor Hup Herman (Gottmer). Ook in dit boek geven haar bijzondere illustraties het verhaal extra diepgang.  
 
De geitenfamilie is met fijne zwarte lijnen in een cartoonachtige stijl getekend tegen een geschilderde achtergrond in zachte, frisse kleuren. Al van bij de eerste bik op de cover wordt je aandacht getrokken door een dierlijke versie van Pippi Langkous. Het plaatje klopt helemaal: de lenige handstand, de vrolijke grijns waarbij de geprononceerde voortanden meteen in het oog springen, de oranje piekende vlechten en zwarte laarsjes aan de vier pootjes. Bovendien zijn de zwarte stippen op Meisjes witte vacht een guitige verwijzing naar Pippi’s paard Witje.  
 
Hoe kan dit Pippi nu niet zijn? De muur met familiefoto’s laat zien hoe het zit. We zien dat papa inderdaad dezelfde zwarte stippen heeft, maar zijn donkerbruine vacht verrast dan weer een moment. En op de foto van oma herkennen we de oranje vlechten, maar hier hangen ze recht naar beneden. Meisjes opvallende uiterlijk is dus een mix van oma en papa, maar dan in een nieuw, fris jasje. Grappig genoeg lijkt de familie Langkous op een of andere mysterieuze manier toch verbonden te zijn met deze geitenfamilie. Wie goed oplet, ziet dat Meisjes papa een baard, een zeemanspetje, een gouden oorring en een tattoo van een anker heeft. En de rode en groene kous aan de waslijn in de woonkamer zijn een onmisbaar onderdeel van Pippi’s outfit.
 
Het zet aan het denken dat Jagtenberg Meisje als enig dier in een school vol mensen tekent. Op de speelplaats is het diversiteit troef met blanke en bruine kinderen, een jongen met een bril en een rolstoelgebruiker. Opvallend is dat de schoolkinderen geschilderd lijken door een kleuter, waardoor de prenten ook de typische openheid van een jong kind uitstralen. Elke persoon op die speelplaats mag er zijn. Precies zoals hij is.
 
De krachtigste illustratie is voor mij de laatste, waar we de schoolkinderen en de juf in de kruin van een boom zien. Meisje kijkt vanuit haar raam tevreden toe, haar trompet in één poot. De stam is ingekleurd alsof hij een verticale regenboog is. Een paar kinderen zwieren aan één arm of aan hun benen aan de zijtakken, anderen hebben zich er comfortabel op geïnstalleerd. De juf leest ontspannen voor uit een boek. Het kind met de rolstoel zit rug aan rug met een ander kind aan de voet van de boom. Zijn rolstoel bungelt vrolijk aan een tak, naast de juf. Knap, die sterke verbondenheid in alle verscheidenheid.
 
Yvonne Jagtenberg: Ik ben Pippi niet, Gottmer, Haarlem 2021, 36 p. : ill. ISBN 9789025774622. Distributie L&M Books

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 10, DECEMBER 2021

Anarchisme. Van Bakoenin tot de commons

Ludo Abicht

De minzamen

Koen Peeters

Harlem Shuffle

Colson Whitehead

Nasr Compacter

Ramsey Nasr

Nocilla-trilogie

Agustín Fernández Mallo

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 10, DECEMBER 2021

De heen-en-weerbrief

Gerda Dendooven

Een wonderprachtig dier

Britta Teckentrupp (ill.)

Elke rimpel een verhaal

David Grossman, Ninamasina (ill.)

Het strand

Sol Undurraga

Uit het niets

Aline Sax

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri