Non-fictie

BOEKEN NR. 10, DECEMBER 2021

Johan De Caluwe, Veronique De Tier, Anne-Sophie Ghyselen en Roxane Vandenberghe: Atlas van het Dialect in Vlaanderen

door Christophe Van Eecke

Meer dan twintig jaar geleden was er in de Verenigde Staten heel wat te doen rond het zogenaamde Ebonics: de gedachte dat de manier waarop Afro-Amerikanen Engels praatten eigenlijk een Afrikaanse taal met Engelse woorden was. Die opvatting kaderde uiteraard in de gespannen Amerikaanse rassenrelaties en de zoektocht naar een Afro-Amerikaanse identiteit. De gedachte van Ebonics was echter wetenschappelijk volkomen ongefundeerd. Een van de weinige linguïsten die zich tegen deze mode uitspraken, was John McWorther, die in zijn boek Losing the Race (2000) een hoofdstuk weidde aan dit fenomeen. Daarin weerlegde hij onder meer de valse opvatting dat dialecten verbasterde vormen zijn van de standaardtaal. Het is eerder omgekeerd: de standaardtaal is een dialect onder dialecten en heeft zich enkel en alleen als standaard weten door te drukken omdat het toevallig het dialect is dat in het machtscentrum wordt gesproken.  

Elke taal wordt in veel varianten gesproken, en een van die varianten kan zich door omstandigheden cultureel dominant maken. Dat betekent evenwel niet dat de andere varianten of dialecten slecht taalgebruik zijn. Vanuit dat inzicht is het dan ook heel interessant om dialecten te bestuderen en te vergelijken. Dat aspect van de linguïstiek geniet vandaag veel belangstelling, onder meer omdat er heel veel te doen is rond culturele eigenheid (waar de taal, en met name het ‘eigen’ dialect, een belangrijke rol in speelt), rond het fenomeen van tussentaal, en rond de al dan niet terecht waargenomen toenemende ontlettering en taalverloedering.
 
Om al deze redenen, maar ook gewoon omdat het een ontzettend boeiend kennisgebied openlegt voor de gewone lezer (wat Virginia Woolf the common reader noemde), is dit massieve boekwerk een verrukkelijke schatkamer van inzichten en weetjes. In vijftig thematische hoofdstukjes worden verschillende aspecten van dialecten besproken. We krijgen inzicht in de linguïstische achtergronden van de studie van het dialect, de grammaticale coherentie en logica van dialecten, maar ook heel veel varianten en weetjes komen aan bod, van verschillende benamingen voor verschillende soorten regen tot de manier waarop familierelaties in verschillende dialecten worden benoemd of planten en kruiden van naam veranderen langs de lijnen van de topografie. We krijgen ook profielen van belangrijke dialectologen en een doe-het-zelf-gids voor het samenstellen van je eigen dialectwoordenboek.
 
Dat alles wordt gepresenteerd in toegankelijke taal, maar toch wetenschappelijk veelomvattend, en is rijkelijk geïllustreerd met talloze fraaie afbeeldingen. Ten slotte zijn er ook een hele reeks verspreidingskaarten die tonen hoe bepaalde dialectvarianten vaak van dorp tot dorp licht verschuiven. Daarbij kan de lezer zich eindeloos vermeien met het opzoeken van zijn eigen varianten en het eigen dialectgebruik toetsen aan wat de samenstellers hebben vastgesteld.
 
Men hoeft dit massieve boekwerk (ingebonden, groot formaat) niet in een beweging van kaft tot kaft te lezen. Dat is op zich trouwens een titanenwerk, al is het beslist de moeite waard. Maar door de opzet in thematische hoofdstukjes, en mede dankzij de talloze kruisverwijzingen die in de tekst zijn opgenomen, leent deze atlas zich uitstekend tot grasduinen, bladeren en zich op sleeptouw laten nemen door illustraties, tussentitels, of dialectwoorden en kaarten die bepaalde gebruiken uitlichten. Zo wordt het boek een ideale schatkamer waar men zich urenlang in kan verdiepen. Ik zegt het niet graag, en ik heb het nog nooit geschreven, onder meer omdat het een idioot cliché is, maar toch: als er ooit een boek een ideaal geschenk is geweest voor taalliefhebbers, dan toch dit wel. Toegankelijk, onderhoudend, grappig en verhelderend, en bovendien wetenschappelijk robuust in glanzende vierkleurendruk. Een onweerstaanbare uitgave!
 
Johan De Caluwe, Veronique De Tier, Anne-Sophie Ghyselen en Roxane Vandenberghe: Atlas van het Dialect in Vlaanderen, Lannoo, Tielt 2021, 292 p. ISBN 9789401468404

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 9, NOVEMBER 2022

De blauwe schuit

Shūgorō Yamamoto

Het lied van ooievaar en dromedaris

Anjet Daanje

Ogentroost

A.H.J. Dautzenberg

Voor wie de tijd verstrijkt

Miriam Van hee

Weerspiegeld in een waterglas

Annette Portegies

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 9, NOVEMBER 2022

Achter de bomen stond een leeuw

Daan Remmerts de Vries

De Pinguïnsint en andere dierenklazen

Edward van de Vendel, Saskia Halfmouw (ill.)

Het levende hoofd

Els Pelgrom, Sylvia Weve (ill.)

Ik ben hier!

Joke van Leeuwen

Wolvenweer

Simon van der Geest, Karst-Janneke Rogaar (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri