Vertaald proza

Carol Rifka Brunt: Vertel de wolven dat ik thuis ben

door Kyra Fastenau

In Vertel de wolven dat ik thuis ben schetst Carol Rifka Brunt een haarscherp familieportret. Het boek speelt zich af in Amerika tijdens de jaren tachtig. Protagoniste June is een wat zonderling meisje met een fascinatie voor de middeleeuwen. Ze heeft een bijzondere band met haar peetoom Finn, een hippe kunstschilder uit New York. Haar liefde voor hem lijkt gewone familiale affectie te overtreffen — al is dit niet helemaal zeker, omdat deze gevoelens de veertienjarige June verwarren. Finn sterft al aan het begin van de roman. Aids, zo lezen we tussen de regels door; June lijkt de impact van deze ziekte niet echt te beseffen. Na de begrafenis zoekt een onbekende Britse man contact met haar. Het is Finns partner Toby, die zich altijd voor June en haar zus verborgen moest houden. Aanvankelijk is June gekwetst. Niet alleen blijkt dat zij niet de belangrijkste persoon in Finns leven was, ook de dingen die ze met Finn associeert (gitaar spelen, origami vouwen) blijken niet allemaal bij hem te horen. Toch wint haar nieuwsgierigheid en verlangen om de herinnering aan Finn vast te houden het van haar wrok, waarna Toby uitgroeit tot haar ‘tweede liefde’ en haar hart aan het eind van de roman opnieuw gebroken wordt.
Jaloezie komt ook naar voren in andere relaties. Brunt introduceert hier een aantal mooie parallellen. Enerzijds zijn er de zusjes June en Greta, ooit dikke vriendinnen, maar tijdens hun tienertijd uit elkaar gegroeid. De jongere June wijt dit aan Greta’s populariteit, maar wie door Greta’s venijnige opmerkingen heenprikt, merkt dat Greta June benijdt omwille van haar innige vriendschap met Finn en later Toby. Het weerspiegelt de situatie van June, die jaloers is op de band tussen haar oom en zijn vriend. Wanneer Greta haar gevoelens uiteindelijk durft te uiten, ontstaat er begrip en groeien de zussen dichter naar elkaar toe. Anderzijds is er de relatie tussen Finn en de moeder van de meisjes: beiden talentvolle schilders, maar alleen hij maakte zijn carrièredroom waar. Finn leidde het leven dat zijn zus ambieerde, en Toby is voor haar de ideale zondebok om haar woede op af te reageren. Hij zou Finn aids gegeven hebben (al wordt gesuggereerd dat het eerder andersom was). Zo geeft Brunt een interessante twist aan de taboe van homoseksualiteit: de moeder veroordeelt Finn en Toby niet puur vanwege hun geaardheid; homoseksualiteit is eerder een handig middel om haar eigen frustraties te kanaliseren.
Langzaam blijkt hoezeer de wrok van de moeder de gebeurtenissen in het verhaal beïnvloedt. Toby die zich afzijdig moet houden van de meisjes, die niet welkom is op de begrafenis van zijn eigen vriend... Maar ook Greta, die onder druk van haar moeder een rol accepteert in een Broadwayvoorstelling — ze moet haar gemiste kans op roem waarmaken — en als een typisch kindsterretje aan de drank raakt. De lezer voelt regelmatig een vlaag van verontwaardiging over zoveel verbitterdheid. Brunt kiest ervoor om de moeder een beetje mysterieus te laten, en dat is een geweldige zet. In plaats van de moeder zelf haar gevoelens te laten opbiechten, laat ze dit doen door Junes vader, die doorheen het verhaal nogal op de achtergrond blijft. Zo geeft ze subtiel diepte aan een bijpersonage én houdt ze het karakter van de moeder (koppig en niet van plan haar ongelijk te bekennen) geloofwaardig. Het toont bovendien de ontastbaarheid van de volwassenenwereld, die een tiener deels oppikt maar nog niet volledig begrijpt: zo denkt June aan het eind van de roman dat ze haar moeder ‘sorry’ hoort fluisteren tegen Toby, maar dit weet ze niet zeker.
Hoewel de diverse relaties en personages accuraat neergezet zijn, overtuigt vooral de band tussen de zusjes. Het thema van wrok en vergeving wordt hier tastbaar gemaakt via kleine handelingen. Zussen hebben immers een speciale band: ze kennen elkaar door en door, waardoor alle daden worden uitvergroot, zowel de kwetsende als liefhebbende. Familieliefde kan een hoop schokken hebben, juist op jonge leeftijd. Een intens gemene daad als een foto besmeuren met ketchup, wordt even gemakkelijk gevolgd door een blijk van onvoorwaardelijke trouw (samenzweren tegen mama), ook al is nog niet alles uitgepraat.
Vertel de wolven dat ik thuis ben biedt een genadeloze analyse van familierelaties, via grote parallellen en kleine handelingen. Herkenbaar en ontroerend.


Carol Rifka Brunt, Vertel de wolven dat ik thuis ben, Prometheus Amsterdam, 2014, 413 p., € 19,95. ISBN 9789044625929. Vert. van: Tell the wolves I'm home door Luud Dorresteyn. Distributie: WPG Uitgevers

Oorspronkelijk verschenen in de Leeswolf 2014

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 9, NOVEMBER 2021

Baksteen

Femke Vindevogel

Brandingen

Paul Verrept

de Lach van de Sfinx

Frans Kuipers

Onder buren

Juli Zeh

Ons deel van de nacht

Mariana Enriquez

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 9, NOVEMBER 2021

Een leven vol kleur. Alles is kunst, als je maar goed kijkt

Cara Manes, Fatinha Ramos (ill.)

Ik wil een hond (en het maakt niet uit welke)

Kitty Crowther

Ik wil een wiegje worden zei de wilg

Bette Westera, Henriëtte Boerendans (ill.)

Vanaf hier kun je de hele wereld zien

Enne Koens, Maartje Kuiper (ill.)

Victorine

Jet van Overeem, Annemarie van Haeringen (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri