Poëzie

BOEKEN NR. 7, SEPTEMBER 2023

Rozalie Hirs: Ecologica

door Dirk De Geest

Uitgeverij Vleugels is helaas nog steeds weinig bekend bij het grotere lezerspubliek. Nochtans staat de uitgeverij garant voor boeken van een uitstekende kwaliteit, typografisch verzorgd. Het zwaartepunt ligt daarbij op (niet al te omvangrijke) vertaalde literatuur, maar Vleugels is ook bezig met het uitbouwen van een boeiend Nederlandstalig segment. Recent verscheen bijvoorbeeld de nieuwste bundel van Rozalie Hirs, Ecologica.    

Hirs staat enigszins apart in de poëziewereld. Haar werk balanceert op de grens van literatuur enerzijds, en muziek en wetenschap anderzijds. Vaak ontstaat haar gedichten ook in het licht van een van haar experimentele multimediale realisaties. Klank en ritme spelen in haar werk dan ook een doorslaggevende rol. Dat wordt bijvoorbeeld erg duidelijk in de creatie ‘Atlantis &’, die het middenluik van de nieuwe bundel vormt. De ondertitel stelt dat het hier gaat om een ‘vocalise uit een verzonken stad’. Wat volgt zijn brokstukken uit het gezang van de inwoners uit de mythische stad die in het water verdwijnt. Het gaat om korte regels in een groot aantal talen, waardoor Atlantis symbool staat voor de babelse spraakverwarring maar in feite ook voor de grootstedelijke omgevingen van vandaag. De multiculturele laag leidt echter niet tot botsingen maar tot een samenklinken van uiteenlopende stemmen, een soort van koor van de menselijkheid in het licht van het vergaan. Daarenboven vormt die caleidoscopische meerstemmigheid maar een deel van de creatie, aangezien op elke bladzijde daartegenover die mededelingen fonetisch worden herleid tot een aaneenschakeling van klinkers: dat is wat wij vandaag (of boven water) horen van die oorspronkelijke boodschappen. Het is een louter muzikale echo, die daarenboven ook de grenzen tussen de afzonderlijke talen opheft in een coherente (zij het onverstaanbare) melodie. Muziek vormt zo als het ware taal in de overtreffende trap.
 
Ook het slotgedicht vond zijn aanleiding in een samenspel van taal en muziek, ditmaal als score voor een animatiefilm. Het bestaat opnieuw uit een meerstemmig tweeluik. Aan de ene kant is er een opsomming in diverse talen van namen van planten die goed gedijen in een kalkrijke omgeving. Aan de andere kant is er een hymne aan de kleine distel, die associatief wordt opgeroepen via losse indrukken.  
 
Het grootste deel van de bundel wordt in beslag genomen door de titelreeks. Het gaat hier om taalgedichten, maar opnieuw is de compositie sterk doordacht: de 34 gedichten bestaan alle uit tweeregelige strofen, die de dichter dwingen tot een gedrongen zegging. Daarbij maakt Hirs optimaal gebruik van de spanning tussen de ruimtelijke strofeblokken enerzijds en de eindeloze woordenstroom anderzijds. Inhoudelijk gaat het om een lofzang op de aarde, maar Hirs is behoedzaam om niet te vervallen in menselijke romantiek. Het gaat haar immers om de planeet als zodanig, los van de menselijke interpretaties of de menselijke ingrepen. Ze schildert een dubbel beeld. Enerzijds zijn er de sporen van de menselijke aanwezigheid, die de grondstoffen najaagt en de aarde hoofdzakelijk beschouwt als een middel en een levenloze entiteit. Anderzijds is de aarde een woekerend en beweeglijk organisme, waarbij elk onooglijk deel essentieel is voor het functioneren van het geheel. Groot of klein, Hirs roept bedreigde dieren en plantensoorten op om te waarschuwen voor de gevaren die onze planeet bedreigen. Ecologica staat daardoor poëticaal in het licht van de neo-avant-garde die heilzaam contrasteert met de overvloedige huiselijkheid van de tegenwoordige lyriek. Tegelijk ontwijkt de bundel de grote uitdagingen van deze tijd niet. Het resultaat vraagt aandacht, maar biedt veel stof tot overdenking.  
 
Rozalie Hirs: Ecologica, Vleugels, Bleiswijk 2023, 61 p. ISBN 9789493186866 

deze pagina printen of opslaan



ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri